In de omstreden regio Jammu en Kasjmir, die wordt gedeeld door India en Pakistan, is deze week het geweld weer ontvlamd. Beide landen bestoken elkaar met artillerie en gevechtsvliegtuigen. Waarom liggen de staten met elkaar in de clinch?

Kasjmir wordt gezien als een van de potentieel gevaarlijkste brandhaarden ter wereld. Dat heeft alles te maken met de lange geschiedenis van conflicten tussen India en Pakistan in het gebied - die extra lading heeft gekregen sinds beide landen de beschikking over kernwapens hebben gekregen.

De wortels van de rivaliteit tussen India en Pakistan gaan terug naar het koloniale tijdperk.

Hindoes waren met zo'n 75 procent van de bevolking de dominante groep in de Britse kolonie India, maar moslims vormden met zo'n 25 procent een substantiële minderheid. Onder de Britse overheersing werden hun rechten gegarandeerd en waren er quota's die hun aanwezigheid in de wetgevende macht garandeerden.

Veel Indiase moslims waren bang dat ze na het uitroepen van de lang verwachte onafhankelijkheid niet meer op die bescherming zouden kunnen rekenen. Dat leidde tot een flinke groei van de steun voor de Moslimliga, een seculiere politieke partij die Indiase moslims zag als een apart volk binnen het land. In 1940 riep die partij op tot het scheppen van twee verschillende naties, waarvan een - Pakistan - zou dienen als thuisland voor moslims.

Na de Tweede Wereldoorlog besloot het Verenigd Koninkrijk dat het onderhouden van zijn uitgestrekte overzeese keizerrijk niet langer haalbaar was. Het Britse parlement koos juni 1948 als de deadline voor de dekolonisatie van India en vaardigde een delegatie uit om ter plekke te onderhandelen over hoe de onafhankelijke Indiase staat eruit zou komen te zien.

Die gesprekken leverden weinig op, terwijl de deadline steeds dichterbij kwam.

Ultimatum splitste land in tweeën

De nieuwe Britse onderkoning van India, Louis Mountbatten, forceerde op 3 juni 1947 een doorbraak. Hij kondigde aan dat het uitroepen van de onafhankelijkheid naar voren werd gehaald en nu zou plaatsvinden in augustus 1947. Dat ultimatum dwong de lokale politici om akkoord te gaan met de partitie: het opbreken van Brits India in de aparte naties India en Pakistan.

Miljoenen hindoes en sikhs trokken naar India, terwijl miljoenen moslims zich naar Pakistan begaven. Naar schatting veertien tot zestien miljoen mensen zochten elders een goed heenkomen. De partitie ging gepaard met veel geweld over en weer: schattingen over het aantal doden lopen uiteen van 200.000 tot 2 miljoen.

Het omstreden Kasjmir

De deelstaat Jammu en Kasjmir was ten tijde van de onafhankelijkheidsverklaringen een gebied met een overwegend islamitische bevolking, die werd bestuurd door Hari Singh, een hindoeïstische maharadja (prins). Hij kreeg de keuze tussen aansluiting van Jammu en Kasjmir bij India of bij Pakistan. Zijn voorkeur ging uit naar het eerstgenoemde land, maar hij besloot af te wachten om een voor hem zo gunstig mogelijk aanbod zeker te stellen.

Lokale moslims zagen de keuze voor India aankomen en lanceerden met steun van Pakistan een opstand tegen Singh. Ze wisten een groot deel van Jammu en Kasjmir te veroveren.

Maharadja Singh vroeg India om militaire hulp, maar kreeg die pas nadat hij zich bij dat land had aangesloten. Indiase troepen vielen de deelstaat binnen en heroverden terrein op de Pakistanen. In 1949 maakte een wapenstilstand een einde aan de eerste oorlog om Kasjmir.

Strijd al decennia gaande

Uiteindelijk zou Pakistan iets minder dan de helft van de deelstaat bezetten en heeft India iets meer dan de helft in handen. De feitelijke grens van 700 kilometer, die aan beide kanten zwaar wordt beveiligd, scheidt de twee landen van elkaar. Beide landen zien Jammu en Kasjmir als geheel als hun eigendom.

In 1965 en in 1999 kwam het weer tot kortdurende oorlogen om de omstreden deelstaat. In 1971 trokken de landen ook tegen elkaar ten strijde, maar dat conflict draaide vooral om de afscheiding van Bangladesh.

Leden van de overwegend islamitische bevolking van Jammu en Kasjmir begonnen in 1989 een wijdverbreide volksopstand tegen India. De strijders worden door Pakistan gezien als vrijheidsstrijders en door India als terroristen. De opstand laait van tijd tot tijd op. De partijen beschuldigen elkaar van mensenrechtenschendingen.