Het Europees Parlement stelt voor artikel 7 van het EU-verdrag te activeren tegen Hongarije omdat de democratie, onafhankelijke rechtsstaat en fundamentele rechten daar worden bedreigd. Maar hoe werkt zo'n procedure?

De procedure kan ertoe leiden dat het stemrecht van Hongarije in de EU-ministerraden wordt opgeschort, maar daar zijn nog veel stappen voor nodig.

Eerst moet de kwestie Hongarije op de agenda van de verantwoordelijke EU-ministers (voor Nederland is dat buitenlandminister Stef Blok) worden gezet. Daar is Oostenrijk als tijdelijk voorzitter van de EU tot december verantwoordelijk voor. Hongarije krijgt dan de kans zich te verweren.

Als minstens 22 landen vervolgens samen constateren dat er ''een duidelijk gevaar bestaat voor een ernstige schending" van de Europese grondbeginselen als democratie, rechtsstaat en vrijheden, dan kan de ministerraad aanbevelingen doen om Hongarije weer op het rechte pad te krijgen.

Er wordt geregeld gecheckt of het land zijn leven betert, maar hoeveel tijd het daarvoor krijgt staat niet in het EU-verdrag.

Bij geen verbetering unaniem oordeel nodig voor vervolgstappen

Als er geen verbetering optreedt, kunnen minimaal negen lidstaten of de Europese Commissie, en met instemming van het EU-parlement, de regeringsleiders tot actie bewegen.

De EU-top kan (zonder Hongarije) bepalen dat Hongarije de EU-waarden ''ernstig en voortdurend schendt".

Dit oordeel moet unaniem zijn om de volgende stap te kunnen zetten: besluiten Hongarije bepaalde rechten, zoals het stemrecht, te ontnemen. De kans op unanimiteit is klein, aangezien Polen aan de kant van premier Viktor Orban staat.

Voor die allerlaatste - 'nucleaire' - stap is alleen een zogeheten gekwalificeerde meerderheid nodig, wat neerkomt op vijftien landen, waar dan wel ten minste 65 procent van de totale bevolking van de Europese Unie moet wonen.

Tegen Polen loopt sinds december overigens ook een artikel 7-procedure, die is geactiveerd door de Europese Commissie. Dinsdag wordt Polen voor een tweede keer in de ministerraad ondervraagd over de rechtsstaat in het land maar tot een oordeel daarover is het nog niet gekomen.

Polen heeft al gezegd dat het de EU-procedure tegen Hongarije niet steunt. Dat geldt vice versa voor de procedure tegen Polen. De twee landen zijn verenigd in een alliantie, de Viségradgroep, die verder bestaat uit Slowakije en Tsjechië.

Orbán voert een autocratisch bewind in Hongarije

Viktor Orbán is de leider van de rechtsconservatieve partij Fidesz, die in 2010 een enorme verkiezingsoverwinning behaalde met een programma gekenmerkt door euroscepsis en antimigratiestandpunten.

De nieuwe regering begon de Hongaarse grondwet te veranderen. De onafhankelijkheid van de rechtspraak ging op de schop - alle rechters in het Hongaarse Grondwettelijke Gerechtshof zijn Fidesz-aanhangers - en basisrechten zoals het recht op een advocaat werden afgezwakt en de media werden ingeperkt. Antisemitisme en fascistische sympathieën zijn in het Hongaarse publieke leven weer op de voorgrond beland.

Rond Orbán vormde zich een kliek van politici en zakenlieden die de begunstigden werden van miljarden aan overheidsfondsen en Europese subsidies. De meeste Hongaarse nieuwsmedia zijn inmiddels opgekocht door mensen uit het gevolg van de premier.

Ook buitenlandse ngo's worden op de korrel genomen met strenge wetten. Orbán heeft vooral een hekel aan George Soros, de Hongaars-Amerikaanse miljardair wiens stichting de Hongaarse premier zelf ooit van een studiebeurs voorzag. Soros wil de bevolking van Hongarije vervangen door migranten, aldus Orbán.

De machtsbasis van Fidesz in Hongarije is stevig. De politieke oppositie is versplinterd en uit elkaar gespeeld en vooral op het platteland is de partij van Orbán oppermachtig.