Achtergrond

Dit staat in het adviesrapport over de Oostvaardersplassen

Woensdag presenteerde een commissie onder leiding van Pieter van Geel het beleidsadvies voor de Oostvaardersplassen. De commissie stelt dat er meer ruimte moet komen voor vogels, maar ook dat er meer geld voor aanpassingen in het gebied moet komen. Een paar belangrijke punten op een rijtje.

De Commissie Van Geel in het kort

  • De commissie staat onder leiding van oud-staatssecretaris van VROM Van Geel. 
  • Er is onderzoek gedaan naar de toekomst van de Oostvaardersplassen. 
  • Er is gekeken naar de problemen met de groeiende populatie dieren en de beperkte beschikbaarheid van voedsel.
  • Er is veel kritiek op het huidige beleid om dieren in principe niet bij te voeren en ze af te schieten. 
  • Toekomstvisie zou eigenlijk al eerder komen, maar recente ophef over Oostvaardersplassen vertraagde rapport. 

Wat is de belangrijkste conclusie uit het rapport?

Het aantal grote grazers moet worden teruggebracht. Volgens de laatste cijfers leven er nu 2.260 grote grazers in de Oostvaardersplassen, nadat deze winter bijna drieduizend grote grazers gestorven zouden zijn. Dat toont volgens de commissie-Van Geel aan dat er te veel dieren leven op een plek waar in de winter te weinig voedsel voor hen beschikbaar is.

Voor hoeveel dieren is dan wel plaats in de Oostvaardersplassen?

De commissie wil terug naar de situatie zoals die eind jaren negentig was. Toen was de "begrazingsdruk" 1,4 dier per hectare. Aangezien het gebied waar de grote grazers leven 1.080 hectare groot is, is er ruimte voor maximaal vijftienhonderd dieren. De commissie adviseert om nog voor de volgende winter het aantal dieren terug te brengen tot elfhonderd. Dat ligt onder het "plafond", maar met minder dieren in de Oostvaardersplassen kunnen "de sterk aangetaste graslanden herstellen" en krijgen de provincie Flevoland, Staatsbosbeheer en het waterschap de ruimte om het gebied aan te passen, zonder dat ze de grote grazers in de weg zitten.

Welke grote grazers moeten worden afgeschoten?

Volgens de commissie-Van Geel moeten vooral veel edelherten uit de Oostvaardersplassen verdwijnen. Het aantal herten moet met 980 worden verlaagd. Nu worden alleen nog de dieren waarvan vrijwel zeker is dat ze het einde van de winter niet halen afgeschoten, maar volgens het adviesrapport moeten ook gezonde dieren worden afgeschoten, "net zoals elders in Nederland gebeurt".

Volgens Van Geel kunnen de herten niet naar een ander natuurgebied worden gebracht. "De edelherten in de Oostvaardersplassen zijn niet te vangen. Ze schrikken zelfs niet van moeras, dus als ze op de vlucht slaan gaan ze ook daar doorheen. Afschot is daarom de enige mogelijkheid."

De konikpaarden in de Oostvaardersplassen kunnen wel worden gevangen en naar een ander natuurgebied worden vervoerd. In totaal moeten 180 paarden uit het gebied verdwijnen en bij het zoeken naar een nieuwe locatie voor de paarden "dient te worden gewaarborgd dat zorgvuldigheid en dierenwelzijn voorop staan", aldus de commissie.

Aan het aantal heckrunderen hoeft niets te gebeuren. Eind maart waren dat er nog geen 160 en volgens de commissie-Van Geel kan dat aantal de komende jaren zelfs nog wat stijgen.

Wanneer moeten bepaalde dieren worden afgeschoten?

Dieren die in slechte conditie zijn, moeten worden afgeschoten, staat in het rapport. Dat moet niet alleen in de winter gebeuren, maar het hele jaar door. Als er voorafgaand aan de winter te veel grote grazers in de Oostvaardersplassen leven ten opzichte van de beschikbare hoeveelheid voedsel, dan moeten volgens het adviesrapport dieren worden afgeschoten.

Met de uiteindelijke 1.500 grote grazers in de Oostvaardersplassen zou 90 procent van die dieren de winter moeten kunnen overleven, stelt de commissie-Van Geel.

Welke aanpassingen worden er verder nog aan de natuur gedaan?

De leefsituatie van de edelherten, konikpaarden en heckrunderen heeft de afgelopen maanden veel maatschappelijke aandacht gekregen. Maar die dieren zijn niet waar het uiteindelijk in de Oostvaardersplassen om draait; dat zijn de verschillende soorten vogels die eind jaren zestig in het gebied zijn gekomen. Die vogels hebben er ook mede voor gezorgd dat de Oostvaardersplassen een Natura 2000-gebied is geworden. De grote grazers zijn ooit in het natuurgebied gezet om ervoor te zorgen dat het land niet volgroeide met beplanting.

Om vogels meer ruimte te geven vindt de commissie-Van Geel dat het gebied waar de grote grazers leven moet worden verkleind en dat het moerasgebied moet worden uitgebreid. Er moet een geleidelijke overgang komen tussen natte en droge gebieden. Daarnaast moet er voor grote grazers meer beschutting komen. In totaal moet er 800 hectare af van het totaal van 1.880 hectare grasland.

Zijn er nog meer aanpassingen nodig in de Oostvaardersplassen?

Volgens Van Geel moeten niet alleen de voorzieningen voor flora en fauna worden verbeterd, maar ook de recreatievoorzieningen. Het gebied moet beter bereikbaar worden voor bezoekers die met de auto, fiets of het openbaar vervoer komen. Ook moeten fiets- en wandelpaden door de Oostvaardersplassen aangelegd worden.

"Alle partijen die we hebben gesproken waren het erover eens dat er meer recreatievoorzieningen in de Oostvaardersplassen moeten komen", zei Van Geel. "Dat gold zelfs voor natuurorganisaties."

Het gebied heeft volgens hem een betere ontsluiting nodig. "Want als mensen het niet kunnen zien, dan hebben ze er ook niks mee." Het is volgens Van Geel wel belangrijk dat de aan te leggen voorzieningen niet voor een verstoring van de natuur zorgen. "Door het moerasgebied zal bijvoorbeeld geen pad worden aangelegd. Maar misschien kan er een uitkijktoren gebouwd worden, zodat je alsnog het gebied kunt bekijken. Er kan meer dan veel mensen denken."

Hoeveel geld gaan de aanpassingen kosten?

Voor de aanpassingen aan de Oostvaardersplassen is 30 miljoen euro beschikbaar gesteld. Maar de commissie-Van Geel denkt dat dat niet genoeg is om alle aanpassingen te kunnen doorvoeren. Daarvoor is 15 miljoen euro extra nodig. Daarnaast kost het jaarlijks nog eens 1 miljoen euro om de aanpassingen te kunnen handhaven.

Het geld is beschikbaar gesteld door de provincie Flevoland, Staatsbosbeheer en de gemeenten Lelystad en Almere. De commissie-Van Geel vindt echter dat niet alleen deze partijen moeten opdraaien voor die kosten.

"Het gebied is van nationale en internationale betekenis en daarom is voor de dekking van investeringen en kosten niet alleen de provincie in beeld, maar ook de Rijksoverheid en gemeenten binnen en buiten Flevoland." Daarnaast staat in het adviesrapport dat ook private partijen hun bijdrage kunnen leveren door te investeren in de Oostvaardersplassen.

Zijn de Oostvaardersplassen hiermee nu klaar voor de toekomst?

Het is nu aan de provincie Flevoland om te bepalen wat er gebeurt met het adviesrapport. Woensdag liet Harold Hofstra, gedeputeerde van de provincie Flevoland, weten dat de provincie ernaar streeft om voor 1 juli een besluit te hebben genomen over de toekomst van het gebied.

Daarmee zouden aanpassingen voor 1 december kunnen worden uitgevoerd en "zijn we voor de winter klaar", aldus Hofstra. De provincie Flevoland heeft het gebied sinds 2016 in beheer en bepaalt dus welke aanpassingen doorgevoerd worden. Staatsbosbeheer zal in veel van die aanpassingen een uitvoerende rol hebben.

Volgens Van Geel blijft het natuurgebied zich ontwikkelen, ook na het doorvoeren van de aanpassingen. Een verbinding met de Veluwe behoort volgens hem in de toekomst ook tot de mogelijkheden. "We hadden ervoor kunnen kiezen dat nu te adviseren, maar dat lost voor de komende vijf, zes jaar niets op", aldus Van Geel. "Bij toekomstige projecten, zoals de verbreding van de A6, moet daar bijvoorbeeld rekening mee worden gehouden. We zeggen dus wel: 'Maak dat nou niet onmogelijk', maar dat is aan toekomstige generaties."

Lees meer over:
Tip de redactie