Cuba zonder Castro als president: Hoe staat het land ervoor?

Miguel Diaz-Canel (59) is donderdag beëdigd tot president van Cuba. Hij is de opvolger van Raúl Castro (86). Het land heeft voor het eerst in bijna zestig jaar geen lid van de Castro-familie als staatshoofd. Hoe kwamen zij aan de macht en hoe laten zij de Caribische eilandnatie achter?

De gebroeders Castro stonden aan het hoofd van de communistische revolutie op het eiland.

Fidel en Raúl maakten tijdens hun studententijd kennis met het marxisme en het anti-imperialisme en namen deel aan (soms gewelddadige) studentenacties. Toen Fulgencio Batista in 1952 de macht greep na een militaire coup, begonnen de Castro's hun strijd tegen diens rechtse en door de VS gesteunde regime. 

Na een mislukte aanval op een legerbasis werden de broers gevangen gezet. Omdat Batista ze niet als bedreiging zag, werden ze na een paar jaar al vrijgelaten. Ze weken uit naar Mexico, waar ze bevriend raakten met de Argentijnse arts en revolutionair Ernesto 'Ché' Guevara en andere internationale marxisten. De Castro's verzamelden manschappen en steun voor een terugkeer naar Cuba, waar ze in 1956 weer voet aan wal zetten.

Wat volgde was de meest succesvolle guerrillastrijd van de 20ste eeuw: binnen drie jaar wisten de Castro's een groepje van negentien rebellen uit te bouwen tot een beweging die Batista - die de beschikking had over tienduizenden soldaten en modern materieel - uit het zadel wist te stoten. Op 1 januari 1959 was de communistische revolutie in Cuba een feit.  

Met de val van de Sovjet-Unie raakte Cuba begin jaren negentig een belangrijke bondgenoot kwijt.

In de decennia die op de revolutie volgden, ontving Cuba veel steun van de Sovjet-Unie - uiteraard tot woede en afkeer van de Amerikanen. Een door de VS gesteunde invasie van de Varkensbaai door Cubaanse ballingen in 1961 liep uit op een debacle. Het eiland speelde ook een belangrijke rol tijdens de Cubaanse Raketcrisis in 1962, toen de VS en de Sovjet-Unie op de rand van een kernoorlog balanceerden. 

Na de val van de Sovjet-Unie raakte Cuba internationaal meer geïsoleerd en braken er moeilijke tijden aan voor de Cubanen. Het land vond later aansluiting bij Venezuela: de radicaal-linkse en uitgesproken anti-Amerikaanse president Hugo Chavez steunde de eilandnatie met oliedollars. Na zijn overlijden in 2013 viel ook Venezuela weg als nauwe Cubaanse bondgenoot. 

Cuba kampt in 2018 met grote economische en sociale problemen.

"Tamelijk erbarmelijk." Zo omschrijft Latijns-Amerika-journalist Edwin Koopman de staat waarin de Castro's hun land 'achterlaten'. Hij schreef het boek De ritselaars van Havana, over de overlevingsstrijd van normale Cubanan. "Cuba zit in een diepe economische crisis - eigenlijk de diepste in vijfentwintig jaar tijd. Politiek zit de situatie muurvast. Er is geen enkele beweging in de hervormingen waar iedereen op hoopt: meer democratie en meer mogelijkheden op internet en om een onderneming op te zetten. De Cubanen snakken daar wel echt naar."

De economische problemen hebben veruit de grootste invloed op het dagelijkse leven van de normale Cubaan. Er heerst schaarste aan allerlei goederen en wat er buiten de zwarte markt wel te koop is, is niet te betalen. Koopman: "Je studeert in Cuba en dan wordt je ingenieur of dokter, maar kun je geen werk vinden. Dan wordt je taxichauffeur of toeristengids om toegang te krijgen tot een plek waar je dollars hebt. Het geld wat je officieel verdient, daar kun je nauwelijks meer iets van kopen. Je moet dus gaan ritselen, proberen met toeristen aan te pappen of spullen van je werk op de zwarte markt verkopen."

Raúl Castro treedt dan misschien terug als president, hij blijft de baas.

Castro volgde in 2006 zijn oudere broer Fidel tijdelijk op, toen die het rustiger aan ging doen vanwege gezondheidsklachten. Twee jaar later werd dat officieel en in 2011 nam Raúl ook het partijleiderschap over. Fidel trad voortaan alleen nog maar op als staatsman in ruste. In 2016 overleed hij, negentig jaar oud.

De afgezwaaide president maakte twaalf jaar lang de dienst uit in Havana. Hij heeft aangekondigd te zullen verhuizen naar Santiago, dat ver is verwijderd van de hoofdstad. Om zijn opvolger niet te veel in de weg te zitten. Maar dat is een wassen neus. Castro blijft hoofd van het leger, een machtsfactor van jewelste in het Zuid-Amerikaanse land. Ook blijft hij aan als voorzitter van de Communistische Partij. Dat is nog belangrijker, zegt Koopman, want de partijvoorzitter staat in Cuba boven de president. "Als je dat naar Nederland zou vertalen, dan zou de partijvoorzitter van de VVD bepalen wat premier Rutte doet."  

De opvolger van Castro wordt gezien als een brave communistische 'apparatsjik'.

Miguel Díaz-Canel, de man die Castro donderdag 19 april heeft opgevolgd, behoort niet tot de generatie van de guerrillastrijders die de communistische revolutie naar Cuba brachten. Hij is een groot fan van The Beatles - die door de oude ijzervreters nog werden gezien als voorbeelden van westerse decadentie - en draagt liever een spijkerbroek dan het legeruniform waarin de gebroeders Castro zich graag lieten zien. Een frisse wind, zo lijkt het, maar dat valt tegen. 

"Díaz-Canel is een man die in de afgelopen dertig jaar heel netjes en braaf heeft meegelopen met de communistische lijn", zegt Koopman. "Hij heeft niet veel bewegingsvrijheid om daar straks van af te wijken en bijvoorbeeld de schaarste in de economie terug te dringen." 

Koopman ziet de machtsoverdracht dan ook als een grotendeels symbolische stap. Daarnaast is het een experiment. "We hebben natuurlijk al zestig jaar die oude generatie aan de macht. Ze willen die niet zomaar in één keer volledig overdragen aan de nieuwe generatie. Ze proberen dat eerst met het presidentschap, waarbij die nieuwe president onder supervisie van de oude generatie staat. Eigenlijk is het een soort getrapte overdracht."

Toenadering tot de VS lijkt nog ver buiten bereik, ondanks de inspanningen van de regering-Obama.

Onder de voorganger van de huidige Amerikaanse president Trump vond een ontspanning plaats in de betrekkingen tussen de VS en Cuba. Obama ging in 2015 op bezoek in Havana - een historische gebeurtenis. De twee landen openden weer ambassades op elkaars grondgebied en lijnvluchten werden weer toegestaan. Er werd ook gesproken over versoepeling van het Amerikaanse handelsembargo tegen Cuba. 

De betere betrekkingen beklijfden niet. Trump voert een harder beleid dan Obama en draaide de meeste van de veranderingen die zijn voorganger aanbracht in het Amerikaanse beleid ten opzichte van Cuba weer terug. Daarnaast was ook het Cubaanse leiderschap huiverig, zegt Koopman. "De Cubanen zijn zelf op de rem gaan staan. Na het bezoek van Obama sloeg de schrik toe: 'De Amerikanen komen onze economie overnemen', dachten ze. 'Ze zijn ons te gulzig, laat ze maar even wachten'. En toen kwam Trump."

Jonge Cubanen willen vooral een beter inkomen, meer koopkracht en meer vrijheid.

Veruit het grootste deel van de Cubaanse bevolking heeft nooit een realiteit gekend waarin de 'guerrilla-generatie' niet de dienst uitmaakte. Zwart-witbeelden uit de tijd van de revolutie worden elke dag op televisie vertoond en posters en billboards waarop de Castro's het volk aansporen om de socialistische idealen hoog te houden zijn nog steeds alomtegenwoordig in het straatbeeld. 

"Jonge Cubanen hebben wel ontzag en waardering voor die generatie. Maar hoe relevant het voor ze is? Totaal niet", zegt Koopman. "Ze vinden het wel mooi, maar hebben er verder geen boodschap aan."

De dagelijkse strijd om brood op de plank te brengen en de wens naar meer vrijheid domineren.

Lees meer over:
Tip de redactie