Woensdag begint de inhoudelijke behandeling van de rechtszaak tegen Naoufal 'Noffel' F., een zaak waarin grootschalig gebruik is gemaakt van de gekraakte gegevens van het bedrijf Ennetcom. Laat de rechtbank het bewijs toe?

Het is 3 november 2015 als Atif M. via zijn beveiligde PGP-telefoon (Pretty Good Privacy) een aantal berichten verstuurt aan een persoon die hij bij zijn bijnaam aanspreekt. M. doet verslag van de poging om Peter R., alias Pjotr, staande te houden en hem dan te liquideren. M. en andere verdachten doen zich op dat moment voor als politieagenten.

R. slaat onverwachts een andere richting in en de moordaanslag mislukt. Twee dagen later wordt R. alsnog onder vuur genomen als hij in zijn auto zit in Diemen. M. doet wederom verslag: "Ze hebben hem wel gepopt, maar ik weet niet of hij slaapt". 

M. is zelf een van de schutters en hij zegt hier niet zeker te weten of R. ook echt dood is. Het blijkt niet het geval, R. overleeft op wonderbaarlijke wijze de kogelregen. 

Naoufal F.

De ontvanger van deze berichten is volgens het Openbaar Minsterie (OM) Naoufal F.. Justitie ziet hem als een kopstuk die een grote rol heeft gespeeld in de liquidatiegolf in de Amsterdamse onderwereld. Woensdag start de inhoudelijke behandeling van de strafzaak van het OM  die F. als de opdrachtgever voor de moord op R. beschouwt.

Een groot deel van het bewijs tegen zijn persoon is gestaafd op eerder genoemde berichten die naar e-mailadressen zijn gestuurd, die waren gekoppeld aan PGP-telefoons van F.. Hij bleek de telefoons in zijn bezit te hebben toen hij in 2016 werd aangehouden in Ierland.

De berichten op die telefoons kwamen in handen van het OM, nadat de telefoons in datzelfde jaar werden gekraakt. 

PGP

De PGP-telefoons van F. gebruikten niet het 'normale' netwerk om e-mails en berichten te sturen, maar speciale servers van het Nederlandse bedrijf Ennetcom zelf. Deze stonden in Canada en zijn op 19 april 2016 neergehaald en gekopieerd op verzoek van het Landelijk Parket van het OM. 

Zo kreeg het OM naar eigen zeggen de beschikking over 3,6 miljoen versleutelde berichten binnen de georganiseerde misdaad. Hiermee zou bewijs zijn vergaard voor "tientallen strafrechtelijke onderzoeken naar liquidaties, gewapende overvallen, drugshandel, witwassen, pogingen tot moord en andere georganiseerde criminaliteit."

Bewijs

Vanwege deze grote hoeveelheid aan bewijsstukken is de zaak tegen F. van groot belang voor het OM. Niet alleen de schuldvraag, maar ook het antwoord op de vraag of het bewijs door de rechter wordt toegelaten, kan bepalend zijn voor deze zaak, maar ook voor andere zaken in de criminele wereld.

Het proces tegen 'Noffel' is de eerste strafzaak waarin een rechter moet oordelen over de toelaatbaarheid van de Ennetcom-data als bewijsmiddel. 

Als het aan de advocaat van F., Inez Weski, ligt zeker niet. Zij zegt dat het OM bij het doorzoeken van de gegevens ''wetten heeft genegeerd en onjuist heeft toegepast. Bovendien zijn Canadese autoriteiten misleid”.

Weski sprak van ''een opeenstapeling van onregelmatigheden” door het OM. Volgens haar heeft de Canadese rechter beperkingen gesteld aan het doorzoeken van de data, ''maar restricties lijken in dit onderzoek fictie". Een eerder verzoek om het OM niet ontvankelijk te verklaren werd door de rechter afgewezen.

De advocaat zegt zelf geen toegang tot de data te hebben en dus ook niet te kunnen controleren. Volgens Weski kan zij haar cliënt niet verdedigen, omdat het OM ''geen toetsbaar en controleerbaar inzicht'' heeft gegeven in de selectie van belastende gegevens die zijn gebruikt.

Harlingen

Ondertussen stapelen de zaken waarin gebruik wordt gemaakt van de versleutelde gegevens zich op en zo ook tegen F.. Het OM is er van overtuigd dat het netwerk rond de crimineel achter het transport van 260 kilo cocaïne zat dat in juni 2017 in de haven van Harlingen werd onderschept. 

Volgens de officier van justitie werd binnen de organisatie begin 2015 al gesproken over het opzetten van drugstransporten over zee. De aanwijzingen die justitie daarvoor heeft verzameld, komen uit de gekraakte berichten van Ennetcom.

F. wordt hier overigens in deze zaak niet voor vervolgd. In de komende zeven zittingen zal duidelijk worden hoeveel bewijs het OM heeft verzameld. De strafeis wordt op 20 maart verwacht.