Minister Jeanine Hennis (Defensie) zag haar politieke carrière dinsdag - in de slotseconden van het kabinet-Rutte 2 - alsnog (voorlopig) stranden. Wat maakte haar politieke einde onvermijdelijk?

Donderdag publiceerde de Onderzoeksraad voor de Veiligheid (OVV) een zeer kritisch rapport over het fatale mortierongeluk in Mali, waarbij op 6 juli 2016 twee Nederlandse militairen omkwamen. Een derde militair raakte ernstig gewond.

De bevindingen tonen aan dat Defensie flink tekort is geschoten in de zorg voor de veiligheid van Nederlandse militairen in Mali.

De conclusies

In het OVV-rapport is minutieus beschreven hoe het ongeluk heeft kunnen gebeuren en welke fouten Defensie daarbij heeft gemaakt.

De Nederlandse militairen Henry Hoving (29) en Kevin Roggeveld (24) kwamen vorig jaar om bij een oefening met mortiergranaten. Een derde militair die de oefening filmde, raakte ernstig gewond.

De mortiergranaat die ontplofte was onderdeel van een lading die in 2006 onder grote tijdsdruk werd aangeschaft van het Amerikaanse leger.

Mortiergranaten

De Nederlandse krijgsmacht had vanwege de missie in Afghanistan destijds dringend behoefte aan nieuwe 60-millimeter-mortiergranaten. De mortieren gingen acht jaar later ook mee naar Mali, waar Nederland sinds april 2014 een bijdrage levert aan een VN-missie.

Volgens de OVV werden bij de aankoop de gebruikelijke kwaliteitstoetsen niet nageleefd, omdat Defensie dacht dat de Amerikanen de munitie zelf in gebruik had en de veiligheid hadden gecontroleerd. In het koopcontract stond echter expliciet vermeld dat dit niet het geval was.

In de jaren na de aankoop werden meer kwaliteitseisen overgeslagen, terwijl het ontwerp van de granaten zwakke plekken vertoonde.

In Mali werden de granaten opgeslagen in een niet-gekoelde container, waardoor de voorgeschreven maximumtemperatuur van de explosieven werd overschreden.

Explosie

De twee militairen handelden op de dag van het ongeluk op de juiste manier. Toch volgde een explosie toen ze de granaat in de mortierbuis lieten vallen. De afscheidingen die de twee kruitladingen in de granaat uit elkaar horen te houden waren door nalatig onderhoud niet meer intact. Dat zorgde ervoor dat de granaat in de mortierschacht ontplofte.

Na het ongeval werd de gewonde militair vervoerd naar een VN-hospitaal met overwegend personeel uit Togo, dat ten onrechte was goedgekeurd door Defensie. De lokale artsen traden daar volgens de Onderzoeksraad "weinig doortastend op" en werd er geen gestructureerd onderzoek uitgevoerd naar het letsel van de militair. Tevens ontbrak het toezicht van Defensie op het hospitaal.

Toen de OVV dit jaar voor het onderzoek naar Mali afreisde om de resterende granaten te onderzoeken, bleken die wekenlang onvindbaar. Defensie verklaarde daarna dat de granaten al in het najaar van 2016 waren vernietigd.

OVV-voorzitter Tjibbe Joustra vatte samen dat er "heel veel fouten" zijn gemaakt en dat dit ten koste is gegaan van de veiligheid van de militairen.

'Knullig'

Hennis wurmde zichzelf donderdag direct na het uitkomen van het rapport in een onhoudbare positie door kil te reageren op de conclusies van de OVV. In media-optredens donderdag bij de NOS en RTL Nieuws was te zien hoe Hennis bleef vasthouden aan ingestudeerde woordvoeringslijnen, waarbij zij zei niet te willen aftreden, maar te willen optreden. Ook wilde ze geen antwoord geven op de vraag of de militairen in Mali veilig waren.

Terugkijkend op dat optreden had zij liever anders gereageerd, zei ze dinsdagavond tijdens het Kamerdebat. "Je kunt het terecht knullig en tenenkrommend noemen", zei Hennis. "Ik heb daar raar gereageerd. Ook ik ben maar een mens", zo concludeerde ze. 

Onhoudbaar

De kritiek uit de Kamer was dan ook stevig. Meerdere partijen in de Kamer wilden weten waarom pas vrijdag tot extra controles en een "operationele pauze" is besloten, terwijl Defensie in juni al kennis had van de inhoud van het donderdag gepubliceerde rapport.

Volgens Hennis is in de zomer besloten extra inspecties in Mali uit te voeren. De operationele pauze in de andere missiegebieden is ingelast na de onrust die is ontstaan na de publicatie van het rapport. Dit gebeurde volgens haar om de families van de uitgezonden militairen gerust te stellen.

Voorafgaand aan het debat leek al min of meer vast te staan dat de door de OVV gebrachte feiten te zwaar waren voor Hennis. Ze moest politieke verantwoordelijkheid nemen en aftreden. Een op handen zijnde motie van wantrouwen vanuit de Kamer wachtte ze dinsdagavond niet meer af. 

Volgend ministerschap

Met het vertrek van Hennis als minister verliest de VVD haar vijfde bewindspersoon in het kabinet Rutte II. Frans Weekers (staatssecretaris Financiën), het duo Ivo Opstelten en Fred Teeven (beiden Veiligheid en Justitie) en ook Ard van der Steur (eveneens Justitie) gingen haar voor.

Het opnieuw verliezen van een VVD-kopstuk betekent voor de liberalen een hard gelag. Hennis wordt in de partij gezien als een van de mogelijke opvolgers van partijleider Rutte en ook werd ze getipt als de volgende fractievoorzitter voor haar partij in de Tweede Kamer. 

Of zij het leiderschap van de partij kan overnemen of over een paar weken opnieuw tot minister zal worden benoemd, is nog maar zeer de vraag. Zelf heeft Hennis er geen geheim van gemaakt in het volgende kabinet graag minister van Buitenlandse Zaken te worden, maar ze is na het Mali-rapport politiek beschadigd.

Nu de formatie zich in de afrondende fase bevindt, is het de vraag of de VVD haar een tweede kans gunt. Ook moet worden afgewacht of de formerende partijen een nieuw kabinet willen presenteren, waarbij direct gedoe ontstaat over een nieuw ministerschap van Hennis.