Wat staat er eigenlijk in de controversiële 'terughackwet'?

Het kabinet wil de politie de controversiële bevoegdheid geven om computers te hacken. Hoe zit dat precies?

In 1993 kreeg Nederland voor het eerst een Wet computercriminaliteit, waarmee het zonder toestemming hacken van computers ('computervredebreuk') strafbaar werd. De wet werd in 2006 voor het laatst vernieuwd.

Tien jaar later is er weer van alles veranderd op het internet, en wil de politie nieuwe bevoegdheden. Zo wordt bijvoorbeeld steeds vaker versleuteling gebruikt door criminelen. Een internettap werkt dan niet meer, want het internetverkeer wordt hier onleesbaar door. Het kabinet geeft gehoor aan de wensen van politie en justitie met de Wet computercriminaliteit III.

Wat is daarin nieuw?

Belangrijkste nieuwigheid is dat de politie zelf computers mag hacken. De wet wordt daarom ook wel de 'terughackwet' genoemd. Voorheen was het voor de politie niet toegestaan om bij de opsporing zelf in te breken op computers. Zelfs als logingegevens van criminelen werden gevonden, mocht de politie die niet gebruiken om op afstand in te loggen op computers of internetaccounts.

Dat mag onder de Wet computercriminaliteit III wel, bij onderzoeken naar misdrijven waar minstens een voorlopige hechtenis bij mogelijk is. Het kan gaan om cybercrime, maar bijvoorbeeld ook om winkeldiefstal.

De politie mag ook gegevens kopiëren, aftappen of ontoegankelijk maken op de computer van een crimineel. Dat is echter alleen toegestaan bij misdrijven waar minstens acht jaar celstraf op staat, zoals moord, deelnemen aan een terroristische organisatie, of het verspreiden van kinderporno.

De bevoegdheden mogen echter ook worden ingezet bij enkele vormen van cybercrime waar geen acht jaar cel op staat, zoals het gebruik van botnets om kwaadaardige software te verspreiden. Hacken mag altijd alleen met toestemming van de rechter-commissaris.

En verder?

Verder maakt het wetsvoorstel het een misdaad om gegevens te 'helen' die bij computerhacks zijn gestolen. Nu is het bijvoorbeeld wel illegaal om creditcardnummers door middel van een hack te stelen, maar is het niet illegaal om in bezit te zijn van gestolen creditcardnummers, als je die niet zelf hebt gestolen.

Ook wordt 'grooming' strafbaar. Dat is het online verleiden van minderjarigen, zelfs als dat uiteindelijk niet leidt tot seksuele handelingen. En de politie mag door de wet ook 'lokpubers' gaan inzetten; politie-agenten die zich voordoen als minderjarigen. Onder de huidige wet gebeurde dat ook al enkele keren, maar besloten rechters achteraf dat dat niet mocht.

Ten slotte wordt het plegen van online handelsfraude illegaal. Nu is het opzetten van nepwebwinkels en het incasseren van geld zonder producten te leveren nog niet altijd illegaal.

Waarom is de wet controversieel?

Hacken door de politie kan een behoorlijke privacy-inbreuk opleveren voor de eigenaar van de gehackte computer. Verschillende organisaties, waaronder de Autoriteit Persoonsgegevens en Bits of Freedom, vinden dat de wet een te grote inbreuk op de privacy betekent, en dat er onvoldoende waarborgen zijn om misbruik te voorkomen. Ook willen zij onafhankelijk toezicht op de toepassing van de bevoegdheid.

Ook zijn er zorgen over het misbruik van 'achterdeurtjes' in software door de politie, en de inzet van spyware. Dat zou computers juist onveiliger kunnen maken, terwijl de politie juist cybercrime probeert te bestrijden. De politie ontkent dit en zegt dat de hackbevoegdheid juist nodig is om cybercriminelen te pakken en daarmee het internet dus veiliger te maken.

Hoe nu verder?

Later dit jaar wordt de wet besproken in de Tweede Kamer. In februari werd al een hoorzitting gehouden, waar verschillende experts op het gebied van privacy, cybercriminaliteit en justitie hun mening gaven over het wetsvoorstel.

De discussie over de Wet computercriminaliteit III vindt plaats in de aanloop naar het debat over de nieuwe Wet op de Inlichtingen- en Veiligheidsdiensten later dit jaar, waar opnieuw veel van dezelfde vragen over de balans tussen privacy en veiligheid zullen langskomen.

Tip de redactie