Waarom Rutte stiekem hoopt op een meerderheid in de Eerste Kamer

Dinsdag kiezen de Provinciale Statenleden de nieuwe Eerste Kamer en donderdag weten we hoe de Senaat er de komende vier jaar zal uitzien. Waarom kijkt het kabinet met bovengemiddelde interesse naar de verkiezingsuitslag?

Dat het kabinet ook met de constructieve oppositiepartijen D66, Christenunie en SGP (de C3) niet meer op een meerderheid kan rekenenen in de Eerste Kamer, werd premier Mark Rutte na de Provinciale Statenverkiezingen pijnlijk duidelijk.

Zijn door zichzelf zo geroemde hervormingsbeleid vond op 18 maart niet dezelfde waardering bij een meerderheid van de kiezers.

En dus is het afwachten hoe de krachtsverhoudingen er voor de komende vier jaar uit komen te zien in de Eerste Kamer.

Dinsdagmiddag komt persbureau ANP met een vertaling van de uitgebrachte stemming. Donderdag volgt de officiële uitslag.

Hoe worden de senatoren gekozen?

De 75 leden van de Eerste Kamer worden getrapt gekozen door de leden van de Provinciale Staten. Die zijn afgelopen 18 maart weer direct gekozen. In totaal telt Nederland 570 Statenleden.

Het aantal leden per provincie hangt af van het aantal stemgerechtigde inwoners. Zo tellen de provincies Gelderland, Noord-Brabant, Noord-Holland en Zuid-Holland ieder 55 Statenleden, terwijl een provincie als Zeeland maar 39 Statenleden heeft.

Niet iedere stem van de Statenleden telt bovendien even zwaar. Afhankelijk van het inwoneraantal van de provincie wordt de stemwaarde bepaald.

De stem van een Statenlid uit een grote provincie met veel inwoners telt dus zwaarder bij de senaatsverkiezing. De steun van een Statenlid uit Zuid-Holland, levert een senator dan ook meer punten op dan die van een Zeeuws Statenlid.

Waarom zijn deze verkiezingen zo belangrijk?

Premier Rutte (VVD) zal de finale zetelverdeling met bovengemiddelde interesse afwachten. Het kabinet is voor de goedkeuring van wetsvoorstellen afhankelijk van een meerderheid in zowel de Tweede als de Eerste Kamer.

De VVD en PvdA hebben die wel in de Tweede Kamer (76 uit 150), maar zijn in de Senaat afhankelijk van gelegenheidscoalities om iets voor elkaar te krijgen.

Nu heeft de coalitie 30 uit 75 Senaatszetels in handen. Volgens de voorspellingen op basis van de uitslag van de Provinciale Statenverkiezingen komen Rutte en PvdA-leider Samsom na dinsdag uit op een schamele 21 zetels in de Senaat.

Zelfs met D66, Christenunie en SGP erbij, die het kabinet geregeld steunden met de bezuinigingsplannen en hervormingen, komt de coalitie waarschijnlijk twee zetels tekort voor een meerderheid in de Eerste Kamer.

Kan de voorspelde samenstelling van de Senaat nog veranderen?

Aardverschuivingen hoeven we niet te verwachten, maar het kan zomaar zo zijn dat er toch nog een of twee zetels bijkomen in het kamp van de vijfpartijencoalitie. Door strategisch te stemmen kunnen Statenleden de verdeling van de restzetels beïnvloeden. Zo kunnen de kleine christelijke partijen ChristenUnie en SGP elkaar te hulp schieten.

Daarnaast is het de verwachting dat de Statenleden kiezen voor hun partijgenoten op de Eerste Kamerlijst. De provinciale partijen verenigden zich in de Onafhankelijke Senaatsfractie (OSF). De verwachting is dat de lokale partijen, met uitzondering van de partij van corruptieverdachte Jos van Rey, hun stem op de OSF uitbrengen.

Vier jaar geleden probeerde Rutte het Zeeuwse Statenlid Johan Robesin ervan te overtuigen zijn stem niet aan de OSF, maar aan het kabinet-Rutte I te geven. In ruil voor zijn stem zou hij de toezegging hebben gekregen dat er geen nieuwe ontpoldering zou komen in Zeeland.

Of Rutte de afgelopen weken nog Statenleden op het Torentje heeft uitgenodigd, liet hij deze keer in het midden. "Je moet altijd campagne voeren bij verkiezingen", zei hij vrijdag tijdens zijn wekelijkse persconferentie. Maar dat de verkiezingscampagne doorging is zeker. 

Rutte: "Dit zijn ook gewoon verkiezingen, het electoraat is alleen wat beperkter."

Heeft Rutte een meerderheid nodig?

Volgens de premier zelf maakt dat niet zoveel uit. De grote bezuinigingen zijn achter de rug, de nodige hervormingen zijn door de Kamers en er kan nu geoogst worden.

"Het herstelbeleid wordt zichtbaar. Er komt ruimte voor enige vorm van lastenverlichting en extra investeringen. […] Dat maakt het iets makkelijker parlementaire meerderheden te vinden dan wanneer er bezuinigd moet worden", zei Rutte vrijdag.

Of ook de premier daar zo heilig van overtuigd is, is echter nog maar de vraag. Bijvoorbeeld voor de belastingherziening heeft hij minimaal 38 senatoren nodig. De rijksbegroting moet ook door een parlementaire meerderheid worden goedgekeurd.

Door senatoren ervan te overtuigen strategisch te stemmen, hoopt Rutte dat de restzetels terechtkomen bij de partijen "die verantwoordelijkheid durven te nemen".

Mocht dat niet voldoende blijken, dan kan Rutte nog altijd hopen op een senator die het stembiljet verkeerd invult, zoals D66-Statenlid Willem Cool vier jaar geleden deed.

Zijn partij verloor een senaatszetel, omdat Cool het stembiljet niet met het verplichte rode potlood, maar met een blauwe pen had ingevuld. Zijn stem werd ongeldig verklaard waardoor D66 vijf, in plaats van zes senatoren mocht leveren.

Lees meer over:
Tip de redactie