Nepal is dinsdagochtend opnieuw getroffen door een zware aardbeving. De beving met een magnitude van 7,3 is hoogstwaarschijnlijk een gevolg van de aardbeving van zeventien dagen geleden.

De vorige beving had een magnitude van 7,8  en eiste zeker 8.046 levens. 17.860 anderen raakten gewond.

Volgens seismoloog Bernard Dost van het Koninklijk Nederlands Meteorologisch instituut (KNMI) is de kans groot dat deze beving een gevolg is van de vorige beving.

De nieuwe beving vond plaats op een diepte van negentien kilometer nabij de Chinese grens. "Het gebied ligt ongeveer 150 kilometer oostelijker dan de vorige beving", vertelt de seismoloog. "De breuklengte van de vorige beving was ongeveer 100 tot 150 kilometer. Door de eerste beving is de spanning in dat gebied afgenomen."

Verschoven spanning

De nieuwe beving kan een gevolg zijn van verschoven spanning. Doordat bij de eerste beving de spanning in het gebied is afgenomen, kan de spanning in de rest van de breuklijn zijn toegenomen.

De wereld bestaat uit verschillende platen, die langs en over elkaar wringen. In Nepal schuift de Indische plaat onder de Euroaziatische plaat. Die verschuiving levert spanning op. "Door de vorige beving is op de breeklengte  bij het epicentrum de spanning afgenomen. Daardoor kan er nieuwe spanning zijn ontstaan bij de uiteinden van de breuklijn", legt Dost uit.

Bekend effect

Een heftige naschok van deze omvang is niet nieuw. "De zeebeving in de Indische Oceaan, die een tsunami veroorzaakte in december 2004 heeft vier maanden later ook een naschok gekend." De zeebeving had een magnitude van 9,3, de naschok in maart 2005 had een magnitude van 8,7.

Het meten van spanning tussen aardplaten is volgens de seismoloog lastig. "Het is niet zo dat er nu een cascade aan bevingen ontstaat." Maar welke gevolgen deze beving voor de platentecktoniek in Nepal heeft, is nog lastig te overzien.