De verfdampen van de chroom-6 verf zorgen voor een hoofdpijndossier voor minister Jeanine Hennis-Plasschaert (Defensie). Woensdag debatteert ze erover met de Tweede Kamer. Wat is chroom-6 en waarom is de verf zo omstreden?

Wat is Chroom-6?

Chroom-6 is een zeer giftige, zelfs kankerverwekkende stof die bovendien zeer slecht voor het milieu is. Defensie gebruikt de stof in de chroomhoudende verf en lak om straaljagers en ander defensiematerieel tegen roest te beschermen. 

Bij het spuiten van de verf en schuurwerkzaamheden aan het materieel, komt de giftige chroomstof vrij.

Wanneer het personeel hier niet goed tegen beschermd is, kan het onder meer allergische reacties veroorzaken. Bij inademing kan het leiden tot neusbloedingen, huiduitslag, maagzweren en zelfs lever- en nierschade of longkanker.

Waarom werkt(e) Defensie met de kankerverwekkende verf?

Hoewel chroom-6 dus een zeer giftige stof is, is de verf buitengewoon effectief in het weren van roest op het defensiemateriaal zoals straaljagers.

Als Defensie zou overstappen op alternatieven, zou dat zelfs het grote veiligheidsrisico's voor de piloten opleveren en de operationele inzetbaarheid van de straaljagers beperken.

De landmacht schafte het gebruik van de verf in 1998 weliswaar af, maar op verschillende vliegbases wordt de verf nog steeds gebruikt.

Hennis schortte begin mei het gebruik van de chroomverf in Leeuwarden op, omdat de spuitcabine verouderd is waardoor de kankerverwekkende stof onvoldoende werd afgevoerd. Eerder staakte Defensie de werkzaamheden op de basis in Leusden, omdat het personeel onvoldoende werd beschermd.

Uit recent onderzoek is daarnaast gebleken dat bij spuitwerkzaamheden op de Defensie-bases in Volkel, Leeuwarden, Eindhoven, Gilze-Rijen en Woensdrecht meer gevaarlijke stoffen zijn vrijgekomen dan is toegestaan. Dinsdag werd bekend dat ook bij een voormalige NAVO-werkplaats in het Zuid-Limburgse Eygelshoven chroom-6 is aangetroffen.

Waarom ligt Defensie onder vuur?

Na onthullingen in diverse media zou blijken dat Defensie vanaf de jaren 80 op de hoogte was van de slechte berscherming van het personeel. Op basis van interne documenten meldde de NOS dat de legerleiding in 1987 wist van de gevaren voor de medewerkers.

Uit diezelfde documenten blijkt dat de Arbeidsinspectie in datzelfde jaar een onderzoek aankondigde naar chromaathoudende stoffen op vliegbasis Twente.

In 1993 concludeert de inspectie dat het personeel op de vliegbasis nog steeds niet voldoende wordt beschermd. Het ministerie zou op de hoogte zijn van geweest van de kwestie. 

Een jaar later stelt de inspectie een proces-verbaal op waarin melding wordt gemaakt van "strafbare feiten". Een jurist van het ministerie zou hiervan op de hoogte zijn gesteld.

De legerleiding lijkt de gezondheidsrisico's voor het personeel echter te hebben ingecalculeerd en voor lief te hebben genomen dat een aantal medewerkers werd blootgesteld aan de chroomverf. 

Volgens de NOS zei de commandant van de vliegbasis in 1995 dat "het aantal werknemers dat wordt blootgesteld aan kankerverwekkende stoffen niet groter mag zijn dan strikt noodzakelijk".

Hoeveel (oud-)medewerkers zijn slachtoffer?

Volgens de laatste Kamerbrief van minister Hennis, hebben inmiddels bijna 2.100 (oud-)medewerkers, die met de giftige verf werken of hebben gewerkt, zich gemeld bij Defensie. Het valt niet uit te sluiten dat dat aantal zal stijgen.

Dat zij zich nu pas met gezondheidsklachten melden, komt doordat de ontwikkeling van de ziektes, bijvoorbeeld kanker, pas in een veel later stadium zichtbaar worden. 

Hennis heeft eerder gezegd dat nog maar bewezen moet worden dat de gezondheidsklachten het directe resultaat zijn van de werkzaamheden voor Defensie. Desondanks betaalt zij (oud-)medewerkers met gezondheidsklachten die zij wijten aan de werkzaamheden met de verf, een schadevergoeding van 3.000 tot 15.000 euro.

Daarmee bekent Defensie nog geen aansprakelijkheid. Wanneer uit onderzoek van het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Sport (RIVM) blijkt dat er een causaal verband bestaat tussen de gezondheidsklachten en het werken met chroom-6, zal de schadevergoeding hoger uitpakken.

Uit dat onderzoek zal tevens moeten blijken in hoeverre Defensie op de hoogte was van de slechte bescherming van de (oud-)medewerkers. Het onderzoek zal naar verwachting een tot twee jaar in beslag nemen.