Zesde seizoen met een avondvullende detective van een van de beste speurneuzen in het Britse misdaadgenre: Helen Mirren als DCI Jane Tennison.

In 1991 verscheen ze voor het eerst op televisie, en domineerde met haar intelligente blik en witblonde kapsel direct het mannenbastion van het Londense politiebureau. DCI Jane Tennison, gemodelleerd naar de hoofdpersoon uit de boeken van Lydia LaPlante.

Uiterlijk liet Tennison niets merken, maar vanbinnen knaagde het dat zij zich als vrouw moest bewijzen in de viriele wereld. Dat ze zich daarbij scherper en onverzettelijker moest opstellen om het respect van de collega's te winnen, dat moest dan maar.

Tol

Vijftien jaar later en vijf spannende televisiedrama's later is Helen Mirren nog steeds onnavolgbaar als Tennison - ze heeft er al de hoogste Britse prijs mee behaald, een BAFTA. Uiterlijk is Tennison nog steeds onbewogen en koelbloedig, maar de lange jaren in de misdaadbestrijding hebben hun tol geëist. Ze grijpt steeds vaker naar de fles voor enige verlichting, en haar privéleven is een ratjetoe van mislukte relaties en teleurstellingen. Dit persoonlijke drama wordt uiteraard sierlijk verweven in de verhaallijnen.

Het Lijk

De vondst van het lijk van een doodgemarteld meisje laat seizoen zes met een knal uit de startblokken schieten. Tennison geeft de zaak in eerste instantie door aan een van haar rivalen annex een mindere rechercheur. Maar als de media met de zaak aan de haal gaan en het politieteam uit de verf komt als een rammelende zooi racisten, neemt Tennison zelf de teugels in handen.

Het spoor leidt haar naar een immigrantenscene uit het voormalig Joegoslavië, en daarmee wordt ook een maatschappelijk thema aangesneden: de penibele situatie van de nieuwe allochtonen op Britse bodem.

Van dorps naar mondiaal

Het is opmerkelijk dat vooral vrouwelijke misdaadschrijfsters zich steeds vaker met dit thema bezighouden, en dit zelfs als voornaamste decor en hoofdplot opvoeren voor hun oeuvre. Minette Walters, Elizabeth George en Ruth Rendell gebruiken eveneens dit genre voor hun kritische blik op de sociale onderklasse, en die blijft niet beperkt tot immigratie.

Van deze auteurs zien we hoe hun verhalen vanuit ingetogen Britse dorpjes met geheimen in de 21ste eeuw zijn uitgegroeid tot bijna politieke pamfletten en grotestedenproblematiek.

No safe haven

Dit zesde seizoen gaat daar zelfs heel ver in. Au fond spelen vele scenes zich af in de krochten van poenerige hotels en ziekenhuizen die uitsluitend bevolkt worden door immigranten die het vuile werk moeten opknappen. Toch verkiezen zij nog altijd die situatie boven die van hun eigen thuisland, waar ze vaker dan niet aan de hel zijn ontsnapt.

Hopende op veiligheid in de West-Europese contreien, maar er bestaat geen immigratiefilter die alleen de meest integere onder hen eruit pikt. In dit zesde seizoen wordt dit aangrijpend - en bloedspannend - in beeld gebracht.