Britse misdaadfilm uit de jaren tachtig met een Londense maffioso die verzeild raakt in een bendeoorlog met veel zogeheten 'afrekeningen in het criminele circuit'.

De Londense gangsterboss Harold Shand staat op het punt een werelddeal te sluiten in onroerend goed. Hij komt net terug uit New Jersey waar hij een paar Amerikaanse investeerders heeft gevonden. Zijn vergunning heeft hij geregeld via een corrupt stromannetje bij de gemeenteraad, en op het feestje op zijn luxe jacht waar hij zijn plannen groots aankondigt, staan ook een paar rechercheurs. Harolds plannen kunnen niet meer stuk. Of wel?

Wel. Want zijn chauffeur wordt opgeblazen in de Rolls Royce waarmee Harolds moeder uit de kerk zou worden opgehaald. Zijn beste vriend Colin wordt in het zwembad doodgestoken. Een bom in een van zijn huidige casino's is niet afgegaan, maar wél die in het restaurant waar hij net zou gaan eten mijn zijn vriendin Vicky en de Amerikanen.

Sabotage

Het is duidelijk dat iemand probeert de miljardendeal te saboteren, maar wie? De Amerikanen, niet van gisteren, geven Harold en Vicky 24 uur de tijd om erachter te komen wie erachter zit. Was Harold al geagiteerd door de aanslagen, de druk op de ketel van een mogelijk vertrek van de yanks maken hem des te meer verbeten.

Hij stuurt zijn handlangers op pad om elke mogelijke concurrent op te pakken, en - niet heel subtiel - naar een abattoir te brengen waar de ondervraging zal plaatsvinden. De bendeoorlog is een feit, zelfs voordat men precies heeft ontdekt hoe de vork in de steel zit.

Cast

The Long Good Friday markeerde indertijd (1980) de doorbraak voor acteur Bob Hoskins, wiens vertolking terecht werd vergeleken met die van misdaadveteranen James Cagney en Edward G. Robinson. Hij is een straatjochie dat is opgeklommen tot de hoogste positie in de onderwereld omdat hij precies wist op welke knoppen hij moest drukken, en die toppositie laat hij zich niet zomaar afnemen - ook niet door een vijand zonder gezicht.

Hij heeft die typisch Engelse humor en maakt bijdehante kwinkslagen, maar is ondanks zijn positie toch geen huiveringwekkende ploert - het is onmogelijk geen bepaalde sympathie te voelen voor deze 'zakenman'. Helen Mirren speelt haar rol als classy gangsterliefje Vicky onderkoeld, en laat al doorsluimeren hoe zij jaren later de snijdende rechercheur Jane Tennison zou spelen in Prime Suspect. Ook leuk: een piepklein rolletje van een jonge Pierce Brosnan als nichtenlokaas in een zwembad.

Vakwerk

Ondanks enkele ruige scènes heeft The Long Good Friday toch een jaren 80 mildheid over zich. De Turkse, Joegoslavische of Russische is nog nergens te bekennen, en rivaliserende gangsters drinken met elkaar een biertje in de pub of spelen elkaar zaakjes toe.

Bijna 30 jaar later lijkt dit soort gangsterdom bijna op gewoon ambachtswerk, al zijn dit natuurlijk criminelen uit een gemeen, harteloos milieu. Dat het niet kan opnemen tegen het andere milieu dat Engeland in de jaren 80 in zijn greep hield. Shands krijgt een koekje van eigen deeg, maar niet van gangsters.