Bij de invoering van een circulaire economie, waarin duurzaam wordt omgegaan met grondstoffen, is het belangrijk de prijs van milieuschade te bepalen. 

Alleen zo kan schade aan de natuur en leefomgeving worden doorberekend aan de veroorzaker ervan, stelt het Centraal Planbureau (CPB) woensdag.

Dat er nu sprake is van veel milieuvervuiling is volgens het CPB het gevolg van een slecht werkende markt. Daarin veroorzaken 'vervuilers' wel natuurschade, maar krijgen ze de rekening nooit gepresenteerd. Zo blijven natuurschade door mijnbouw, luchtvervuiling bij de productie van materialen of aantasting van de leefomgeving door afval nog vaak kosteloos.

Meer belastingen op deze milieuvervuilende praktijken helpen partijen efficiënter om te laten gaan met grondstoffen. Dat gebeurt volgens het CPB nu nog maar weinig. De grootste winst is volgens het economische onderzoeksinstituut te behalen bij vervuilende bedrijven.

De overheid moet volgens het CPB overigens niet te bruusk overstappen op een volledig circulaire economie. Een snelle overgang brengt immers ook maatschappelijke kosten met zich mee, zoals bedrijven die failliet gaan en beroepen die verdwijnen.