Afhankelijk van de CO2-prijs moet Europa meer dan 100 miljoen euro op tafel moeten leggen om koolstofdioxide onder de Noordzee te stoppen. 

Dan pas kunnen de twee kolencentrales van E.ON en GDF Suez op de Maasvlakte in Rotterdam hun belofte nakomen om een installatie te bouwen die de opvang van die CO2 in een leeg gasveld mogelijk maakt.

Dat maakt woensdag een woordvoerder duidelijk van het Rotterdam Opslag- en Afvangdemonstratieproject.

Verantwoordelijk wethouder Alexandra van Huffelen (D66) stuurde de gemeenteraad een brief met daarin de laatste stand van zaken rondom het project.

De twee energiebedrijven mochten van de gemeente Rotterdam een kolencentrale bouwen als ze CO2 zouden afvangen in plaats van het in de lucht terecht te laten komen.

Niet rendabel

E.ON en GDF Suez zagen echter financiële problemen op zich afkomen omdat het afvangen van de koolstofdioxide door de huidige marktomstandigheden niet meer rendabel is.

De wethouder hield de twee bedrijven echter aan de afspraak, ook was die niet keihard vastgelegd.

De centrale die het afvangen mogelijk maakt, moet nog worden gebouwd. Deze moet rond 2016 operationeel zijn. Omdat het project ook van groot belang is voor Europa, gingen de bedrijven in overleg met EU-commissaris Günther Oettinger (Energie).

Verdeling

Die vraagt nu met klem de betrokken landen, zo blijkt uit de raadsbrief van de Rotterdamse wethouder, dat ze zich committeren aan het project en daarom met geld over de brug moeten komen.

Om die reden komen begin maart de energieministers van de betrokken landen bij elkaar om te praten over de verdeling van het extra geld dat nodig is. Van Huffelen: "Deze bijdragen, tezamen met geld van E.ON en GDF SUEZ, zorgen voor voldoende financiële dekking voor het project. Dit proces wordt voor de zomer van 2014 afgerond."