AMSTERDAM – Verschillende energiebedrijven in Europa en de Verenigde Staten willen windmolens vervangen door vliegers waarmee op grote hoogte meer windenergie kan worden opgewekt. De techniek begint nu commercieel interessant te worden.

Dat schrijft Wall Street Journal.

Wereldwijd werken bedrijven aan een commercieel inzetbare energievlieger. In Italië werkt het bedrijf Kite Gen aan een prototype en in Hawaï test KiteFarms hun vliegermodel. Een van de grotere bedrijven die aan de slag is gegaan met de energievlieger, is het Amerikaanse Makani. Google heeft in dit bedrijf 21 miljoen dollar geïnvesteerd. 

De energievlieger, ook wel laddermolen genoemd, is een uitvinding van de Nederlandse natuurkundige Wubbo Ockels. In 2000 verkreeg Ockels patent op zijn uitvinding en in 2008 werd een prototype gepresenteerd.

De energievlieger trekt een touw omhoog dat verbonden is aan een rotorwiel. Aan het wiel zit een dynamo bevestigd die energie opwekt door het draaien van het wiel. Omdat de vlieger hoger komt dan huidige windmolens, kan het profiteren van sterkere en stabielere wind en in theorie dus meer energie opwekken.

Voor energiebedrijven is de uitvinding vooral interessant omdat de bouwkosten voor een vliegerturbine bijna de helft schelen vergeleken met een windmolen. Wereldwijd wordt er geëxperimenteerd met een zo efficiënt mogelijk model, maar volgens deskundigen kan het nog wel even duren voordat de eerste vliegers in gebruik worden genomen. De meeste energiebedrijven houden namelijk nog vast aan traditionele windturbines.

Bekijk een video van de energievlieger: