ENSCHEDE - De massaproductie van biobrandstoffen uit landbouw- en bosafval, zoals stengels, takjes en blaadjes, ligt binnen handbereik.

De Universiteit Twente gaat hier samen met andere onderwijs- en onderzoeksinstellingen, de provincie Overijssel en verschillende bedrijven aan werken. Donderdag is de aftrap van het nieuwe project BE2.0.

Veel biobrandstoffen die nu worden gebruikt worden gewonnen uit speciaal daarvoor geteelde gewassen, die soms ook gebruikt hadden kunnen worden als voedsel. Daarom wordt gezocht naar andere vormen uit bijvoorbeeld afval.

Door biobrandstof op grote schaal te produceren wordt deze goedkoper en dus aantrekkelijker voor consumenten en bedrijven.

Groene steenkool

Samen met energiebedrijf TWENCE en Landschap Overijssel ontwikkelt de universiteit een mobiel apparaat dat in het bos of op een boerderij het bio-afval omzet in harde brokken die makkelijk te vervoeren zijn, een soort 'groene steenkolen'. Die kunnen daarna verwerkt worden tot bio-energie en biobrandstoffen.

De samenwerking is mede mogelijk door een provinciale subsidie van 2,5 miljoen euro, bedoeld voor twee jaar onderzoek en onderwijs. Voor het nieuwe project wordt een zelfvoorzienende modelboerderij ontworpen.

Olie

De universiteit kwam vorig jaar wereldwijd in het nieuws doordat zij voor het eerst bruikbare olie uit landbouw- en bosafval kon produceren. Er komt een nieuw kenniscentrum om bedrijven en instellingen te stimuleren de technologie te gebruiken.

Met de universiteit van Wageningen werkt de UT overigens nog aan een andere soort biobrandstof, namelijk olie uit algen, ofwel 'algendiesel'. Op dit moment levert dat nog te weinig op.

Het zoeken is nog naar een methode waarbij voldoende olie van goede kwaliteit kan worden geproduceerd, die in de olieraffinaderijen kan worden bijgemengd.