Ministerie wil na kritisch rapport per 2026 plannen voor extra woonwagenplaatsen
Alle gemeenten moeten vanaf 2026 concrete plannen hebben voor meer staanplaatsen voor woonwagenbewoners en die kunnen verantwoorden aan het Rijk. Dat zegt het ministerie van Binnenlandse Zaken na vragen van NU.nl over een kritisch rapport over het stelselmatig achterstellen van woonwagenbewoners.
Een woordvoerder van demissionair binnenlandminister Hugo de Jonge kan nog niet zeggen of excuses aan de woonwagenbewoners gepast zijn. "Daar zijn meer ministeries bij betrokken."
Het jarenlange beleid van de overheid om woonwagenbewoners in een keurslijf van 'gewone Nederlanders' en in 'stenen huizen' te dwingen, zie je nu terug in een tekort van zeker vierduizend staanplaatsen voor woonwagens.
De woordvoerder van het ministerie wijst in de reactie ook op het wetsvoorstel Versterking regie volkshuisvesting, dat nu ter beoordeling bij de Raad van State ligt. "Als die wet erdoor komt, krijgt de overheid meer invloed op het bouwen van huizen en ook woonwagenstandplaatsen. De toename van slechts 49 standplaatsen tot nu toe vinden ook wij veel te klein."
30 gemeenten hebben extra woonwagenlocaties gevonden
In oktober schreef De Jonge in een brief aan de Tweede Kamer dat bijna 100 van de 342 Nederlandse gemeenten concrete plannen hebben voor in totaal 1.028 nieuwe standplaatsen voor 2030. "In dertig gemeenten is hiervoor al een locatie gevonden", zei de bewindspersoon.
Tot nu toe hebben gemeenten alleen een inspanningsverplichting om meer staanplaatsen te realiseren voor woonwagens. Dat vindt het ministerie dus te mager, laat het aan NU.nl weten.
Ook het College voor de Rechten van de Mens vindt de voortgang te mager. De onafhankelijke toezichthouder heeft woonwagenbewoners meermaals in het gelijk gesteld en geoordeeld dat er sprake was van discriminatie.
'Overheid wakkert nog steeds vooroordelen aan'
De overheid werkt ook nu nog mee aan het stigmatiseren van Roma, Sinti en andere personen die zich rekenen tot woonwagenbewoners, stelt onderzoeker Dominic Teodorescu tegenover NU.nl.
"Sommige gemeenten organiseren bewonersbijeenkomsten wanneer ze extra woonwagenplaatsen overwegen", geeft de politiek geograaf een voorbeeld. "Daarmee voeden ze het vooroordeel dat woonwagenbewoners en hun cultuur controversieel zijn."
Over de gemeenschap van woonwagenbewoners in Nederland
Nederland telt zo'n 1.150 woonwagenlocaties met ruim 9.300 staanplaatsen. Maar dat aantal voldoet bij lange na niet aan de behoefte.
Oud-minister Ter Horst is ook voor 'desnoods' afdwingen beleid
Sinds 2018 hebben gemeenten een inspanningsverplichting om het tekort aan staanplaatsen voor woonwagens op te lossen. Maar daar komt weinig van terecht: tot nu toe zijn er 49 staanplaatsen bij gekomen, terwijl er minimaal 4.000 nodig zijn.
Voormalig minister van Binnenlandse Zaken Guusje ter Horst was tussen 2007 en 2010 verantwoordelijk voor het woonwagenbeleid. Volgens haar ontbreekt in veel gemeenten de kennis over de achtergrond van de woonwagencultuur en daarmee ook de motivatie om meer staanplaatsen te realiseren.
"Bewustwording is dan ook de sleutel", zegt de voormalig burgemeester van Nijmegen. "En als dat niet helpt, in het uiterste geval, afdwingen via de Rijksoverheid."


