Voor het eerst bijzondere klimzeekomkommer gevonden in de Oosterschelde
Voor het eerst is een bijzondere zeekomkommersoort in de Oosterschelde aangetroffen. Deze klimzeekomkommer kwam nog nergens in Nederland voor, laten onderzoekers van de Wageningen University & Research (WUR) weten.
Zeekomkommers komen in Nederland eigenlijk alleen in de Noordzee voor, licht Jetze van Zwol van de WUR toe. "Voor zover we weten is het de eerste zeekomkommer die we hebben gevonden in de Oosterschelde", zegt de onderzoeker over de vondst ter hoogte van het Zeeuwse dorp Bruinisse. "Dat is altijd bijzonder."
De gevonden klimzeekomkommer was nog niet eerder in Nederland gezien. Het dier heeft een paarsbruine kleur en kan met een lengte van 15 centimeter en een diameter tot 3,5 centimeter vrij groot worden.
De vondst is extra bijzonder, omdat er in de Oosterschelde relatief veel gedoken wordt. Daarom vermoedt Van Zwol dat de zeekomkommer er nog niet lang zat. "We doen vrij veel onderzoek in de Oosterschelde. Dus als hij er veelvuldig al langere tijd had gezeten, was hij eerder al wel waargenomen." Mogelijk zit het dier er nu een tijdje en is de soort nog niet zo wijdverspreid, concludeert de onderzoeker.
Met het oog op de biodiversiteit in de Oosterschelde is de vondst van de klimzeekomkommer een opsteker. "Zeekomkommers komen in Nederland gewoon niet veel voor", vertelt Van Zwol. Normaal gesproken bevinden ze zich in warmer water, maar de laatste jaren worden ze ook gezien in Belgische wateren en rond Engeland.
De dieren waren opvallend genoeg vastgehecht aan Japanse oesters. "Ze hielden zich echt vast aan de oesters, wat misschien ook wel de oorzaak is dat ze hier kunnen voorkomen", legt Van Zwol uit. Anders dan andere soorten, die gewoon op de bodem van de zee liggen, klampt deze klimzeekomkommer zich vast aan de ondergrond. "Deze soort heeft echt een grovere bodem nodig om zich aan vast te houden." Daar blijkt de Japanse oester dus geschikt voor.
