Ooievaars doen het goed in Nederland: ze hebben (bijna) geen hulp meer nodig
De ooievaar doet het goed in ons land. Elk jaar neemt het aantal vogels toe, blijkt uit navraag van NU.nl. Het dier heeft volgens de Vogelbescherming zelfs geen hulp meer nodig van mensen.
In 1980 ging het slecht met de ooievaar: er waren er nog maar tien broedparen in Nederland. Maar dankzij een goed beschermingsprogramma en voederstations heeft de soort zich kunnen herstellen. Inmiddels zijn er ongeveer 1.550 broedparen.
Veel mensen willen ooievaars helpen door kunstnesten te plaatsen. Deze zogenoemde ooievaarswielen moeten broedparen lokken. "Maar we zien steeds vaker dat de vogels gebruikmaken van natuurlijke nestplekken in bomen. Ook worden ze gevonden in hoogspanningsmasten en op de portalen van spoorwegen en snelwegen", vertelt Ruud Foppen, onderzoeker bij Sovon Vogelonderzoek.
'De natuur kan niet voor zichzelf opkomen'
Alle vogels die oorspronkelijk in ons land voorkomen zijn bij wet beschermd. Dat geldt dus ook voor de ooievaar, maar die staat niet meer op de zogenoemde Rode Lijst. "Dat betekent dat er geen extra beschermingsmaatregelen meer nodig zijn", legt Foppen uit.
Toch is het goed dat de ooievaar een beschermde soort blijft, vindt de Vogelbescherming. "De natuur kan niet voor zichzelf opkomen en delft al snel het onderspit als er geen bescherming is", zegt de woordvoerder. "In de jaren zeventig hebben we gezien wat er gebeurt als er geen goede wetgeving is. Niet alleen de ooievaar was bijna uitgestorven in ons land, maar ook veel roofvogels."
Beeld: Getty ImagesBijvoerplekken zijn populair
Hoewel er steeds meer ooievaars in ons land zijn, zijn het er eigenlijk nooit te veel. "Dat kan wel, maar dat staat dan niet op zichzelf. Als er té veel ooievaars zijn, is er iets anders in hun leefgebied ook niet in balans", legt de Vogelbescherming uit. "Dan is er bijvoorbeeld een overschot aan voedsel of is het weer anders." Dat is volgens de organisatie nu niet aan de orde.
Soms kun je wel veel vogels bij elkaar zien. "Tijdens de trektijd in Zuid-Europa kan het om duizenden tegelijk gaan", weet Foppen. In Nederland blijven soms ook tientallen vogels hangen rond plekken waar ze worden bijgevoerd. Zo zijn dierentuinen en sloten waar veel mensen vogels voeren populair onder de ooievaars.
De overlast is minimaal
Ooievaars geven ook weleens overlast. Zo maken de vogels een klepperend geluid en poepen ze soms op ongewenste plekken. Volgens Foppen is het ook niet altijd handig als ze nesten bouwen op bijvoorbeeld spoorwegpalen, hoogspanningsmasten, bepaalde gebouwen en schoorstenen van woningen.
Aangezien de ooievaar een beschermde diersoort is, mogen de nesten niet zomaar worden verwijderd. "Maar dit blijft beperkt tot incidenten en kan meestal met maatwerk worden opgelost", stelt Foppen. "De meeste mensen genieten vooral van deze mooie vogel."
