De Goulds muis, waarvan wetenschappers ruim 150 jaar lang dachten dat die was uitgestorven, blijkt nog in groten getale voor te komen op een klein eiland voor de kust van West-Australië. Dat melden wetenschappers dinsdag, schrijft The Guardian.

De Goulds muis bleek al die tijd gewoon te bestaan onder de naam van een ander knaagdier, de Alice Springs-muis. Beide knaagdiersoorten bleken exact hetzelfde DNA te hebben.

Onderzoekers kwamen daarachter door DNA-monsters van uitgestorven inheemse knaagdieren te vergelijken met die van tientallen soorten die nog wel leefden.

De studie was aanvankelijk bedoeld om erachter te komen wat de invloed was van de aankomst van de Europeanen op het uitsterven van inheemse knaagdieren in Australië.

De onderzoekers van de studie zijn erg blij met de ontdekking. "De wederopstanding is goed nieuws als je ziet hoe disproportioneel veel inheemse knaagdieren zijn uitgestorven sinds de Europese kolonisatie in 1788", aldus bioloog Emily Roycroft, die haar bevindingen publiceerde in het wetenschappelijke tijdschrift PNAS.

Introductie katten maakte einde aan populatie

De kleine muissoort kan zo'n 12 centimeter lang worden en heeft grote zwarte ogen. Op het vasteland is de Goulds muis vooralsnog niet aangetroffen. Sinds 1840 nam de populatie sterk af, nadat onder meer katten werden geïntroduceerd in Australië.

Wetenschappers schatten dat ruim 41 procent van de zoogdieren die zijn uitgestorven in Australië sinds de Europeanen aan land kwamen, een inheemse muissoort was. "De verdwijning (van de Goulds muis, red.) van het vasteland toont aan hoe snel een soort die zo wijdverspreid was kon uitsterven en nu alleen nog kan overleven op een eiland", zegt Roycroft.

De Goulds muis is vernoemd naar de vrouw van de beroemde Britse vogelkenner John Gould, Elizabeth. Naar Gould, die veel samenwerkte met de bioloog Charles Darwin, zijn ook de Goulds varaan en de gouldamadine vernoemd.