IJsvogels ervaren dit jaar een topjaar doordat de voorgaande winters relatief zacht waren. De populatie van het opvallend blauw-oranje gekleurde dier is flink gegroeid, zien de Vogelbescherming en Sovon Vogelonderzoek. Sovon spreekt over "de beste winter voor de ijsvogel in ruim veertig jaar tijd".

Dat de vogel een topseizoen beleeft, is goed te verklaren, zegt Albert de Jong van Sovon donderdag tegen NU.nl. De populatie ijsvogels beweegt best sterk mee met het winterweer: in koude winters sterven relatief veel ijsvogels, terwijl dit er in zachte winters juist relatief weinig zijn.

De laatste echte periode van kou was rond maart 2018, en door de relatief zachte winters de jaren erna heeft de ijsvogelpopulatie flink kunnen groeien. Hoewel definitieve cijfers nog niet bekend zijn, schat De Jong op basis van honderden tellingen die vrijwilligers in december deden, dat er op dit moment grofweg vierduizend ijsvogels in het land zijn.

De laatste keer dat het landelijk totaal aan ijsvogels werd geschat, was in 2015. Dat jaar was ook een goed jaar voor de vogels: destijds ging het om een schatting van maximaal vierduizend ijsvogels. "Waarschijnlijk zitten we daar nu ook weer op of is het er net boven", zegt De Jong.

Ook verbeterde waterkwaliteit speelt een rol

Ook bij de Vogelbescherming zien ze meer ijsvogels in het land. "De ijsvogel is een typische vogel die veel jongen kan krijgen", legt een woordvoerder uit. De dieren kunnen twee tot drie nestjes per seizoen krijgen, en daarbij wel zes tot zeven eieren per keer leggen.

"Het lijkt erop dat de ijsvogels goede broedjaren achter de rug hebben', zegt De Jong. Daarnaast speelt het verbeteren van de waterkwaliteit in het land een rol, legt hij uit. "De slootjes worden schoner waardoor ijsvogels makkelijker kleine visjes lijken te kunnen vangen."

De Jong: "Hoewel veel vogelsoorten last hebben van klimaatopwarming, hebben de zachte winters die wij nu meemaken de ijsvogels juist in het zadel geholpen."