Zo'n honderd grienden en tuimelaars zijn overleden na een massastranding op de Chathameilanden, een afgelegen gebied aan de oostkust van Nieuw-Zeeland. De hulp aan de dieren werd bemoeilijkt door een stroomstoring en doordat de locatie lastig te bereiken is.

De meeste dolfijnen spoelden afgelopen weekend aan. De autoriteiten werden zondag op de hoogte gesteld van de situatie. Het duurde daarna bijna drie uur voordat hulp ter plaatse was.

Op de locatie werd duidelijk dat de meeste dieren al waren overleden. Slechts 26 grienden leefden nog, maar die waren wel al flink verzwakt. Vanwege de ruwe zee op dat moment en de waarschijnlijke aanwezigheid van haaien in de nabije omgeving, is besloten de dolfijnen te euthanaseren.

Een dag later werden nog eens twee grienden aangetroffen, maar ook die bleken geen kans op overleving te hebben. Ook deze dieren zijn geëuthanaseerd. De autoriteiten melden dat de kadavers op het strand blijven liggen, waar ze door de natuur afgebroken worden.

De Chathameilanden hebben vaker te maken met massastrandingen. Volgens The Guardian gaat het om gemiddeld driehonderd dieren per jaar. Biologen proberen al jaren te achterhalen wat de toedracht is, maar vooralsnog is er geen duidelijkheid. In 1918 overleden naar schatting duizend dieren bij één massastranding op de Chathameilanden.