De populatieomvang van diersoorten is de afgelopen halve eeuw wereldwijd met twee derde afgenomen, blijkt donderdag uit het tweejaarlijkse Living Planet Report van het Wereld Natuur Fonds (WWF). Belangrijkste oorzaken hiervoor zijn ontbossing, overbevissing, overconsumptie en klimaatverandering.

Met name in Afrika, Zuid-Amerika en het zuiden van Azië is sinds 1970 een enorme afname zichtbaar. Die daling is in Europa relatief laag, aldus het rapport waar 130 internationale wetenschappers aan meewerkten.

Volgens de onderzoekers is drie kwart van de soorten op land door mensen aangetast. De meeste leefgebieden namen af door ontbossing en het omzetten van die grond naar landbouw. Rivieren en oceanen staan nog meer onder druk, zo'n 85 procent van de waterrijke gebieden is door overbevissing al verloren gegaan volgens het rapport.

Ook het wereldwijde transport van goederen speelt volgens de wetenschappers een rol. Zo kunnen diersoorten, die bijvoorbeeld meereizen op schepen, in een ver land lokale soorten verdrijven. Zo vormt de rode Amerikaanse rivierkreeft al jaren een bedreiging voor inheemse kreeftensoorten in Nederland.

Klimaatverandering speelt momenteel nog een kleine rol op de afname van soorten, maar is wel een opkomende factor. Zo zijn sommige soorten, zoals koralen, hypergevoelig voor temperatuurstijging, aldus het WWF.

'Duidelijke link tussen coronapandemie en relatie mens met natuur'

Om te voorkomen dat de biodiversiteit verder afneemt, moeten we niet alleen de natuur beschermen, maar ook iets doen aan de overconsumptie van voedsel, legt directeur Kirsten Schuijt van WNF Nederland uit in een toelichting op het rapport.

"Mensen vragen in de huidige levensstijl ruim anderhalf keer meer van onze planeet dan zij kunnen teruggeven. Toch gaat ongeveer een derde van al het geproduceerde voedsel op de wereld verloren of de prullenbak in. Dat wat we maken, moeten we niet meer weggooien. Hier kunnen we allemaal een bijdrage aan leveren", aldus Schuijt.

Daarnaast ziet de directeur ook een duidelijke link tussen de coronapandemie en hoe mensen met de natuur omgaan. "We komen steeds dichter bij diersoorten, dat betekent dat virussen en bacteriën steeds makkelijker van wilde dieren op mensen kunnen overspringen. Sommige plekken moeten we met rust laten, zodat we niet vaker te maken krijgen met dit soort pandemieën."