Dodo's verloren waarschijnlijk één keer per jaar hun veren, zo blijkt uit een nieuwe studie. 

De uitgestorven loopvogels die tot in de zeventiende eeuw op het eiland Mauritius leefden, gingen in de rui na de zomerdroogte op het eiland, die duurde van november tot maart. De dieren verloren dan hun door de droogte beschadigde veren en kregen een nieuw verendek.

Dat melden onderzoekers van de Universiteit van Kaapstad in het wetenschappelijk tijdschrift Scientific Reports.

De onderzoekers kwamen tot de nieuwe inzichten over het uiterlijk van de legendarische loopvogels na een analyse van de botresten van 22 dodo's. Het ging vooral om achterpoten van de dieren. In de botten trof onderzoeksleider Delphine Angst een regelmatige rij van holtes aan.

De calcium die uit deze holtes is verdwenen, suggereert volgens haar dat dodo's in de rui gingen. "Om nieuwe veren te produceren, hadden de dieren extra calcium nodig, en dat onttrokken ze aan hun botten", verklaart Angst op nieuwssite New Scientist

De dikte van het bot tussen de holtes, wijst erop dat de vogels hun verendek één keer per jaar vernieuwden, waarschijnlijk nadat hun lichaam was uitgeput door de voedselschaarste in de de droge zomer. "In juli hadden ze waarschijnlijk weer een nieuwe pluimage. Daarna startte het nieuwe paringseizoen."

Beschrijvingen

De nieuwe ontdekking over het uiterlijk van dodo's verklaart mogelijk waarom zeelieden de vogels in de zeventiende eeuw op heel verschillende manieren beschreven. 

"Sommige zeelieden rapporteerden een donzig zwart verendek, dat waarschijnlijk net was ontstaan na de rui", aldus Angst. "Anderen schreven dat de vogels zowel donker dons hadden als echte veren. In weer andere verslagen waren de dodo's helemaal bedekt met echte veren, bij deze vogels was de rui waarschijnlijk voltooid."