Vrouwen die straks een boete van 150 euro riskeren door het dragen van een boerka of nikab op plaatsen waar dat niet mag, kunnen het bonnetje doorgeven aan politieke partij NIDA. De islamitische partij zegt dat het de boetes gaat betalen, omdat het de woensdag aangekondigde beleidsregel ziet als inbreuk op de vrijheid van godsdienst, schrijft Trouw.

Vanaf 1 augustus is het verboden om gezichtsbedekkende kleding als een boerka, nikab, integraalhelm of bivakmuts te dragen in het onderwijs, het openbaar vervoer, ziekenhuizen en overheidsgebouwen. De Eerste Kamer stemde vorig jaar juni al in met het boerkaverbod.

Volgens de Haagse fractievertegenwoordiger Cemil Yilmaz is het "ieders individuele vrijheid om te kiezen welke kleding hij draagt". Volgens hem strookt het argument van de regering, dat inzet op het verhogen van de veiligheid met de nieuwe wet, niet met de werkelijkheid. "Er wordt gedaan alsof deze vrouwen de veiligheid in gevaar brengen."

In Den Haag wordt het verbod straks wél gehandhaafd, terwijl Amsterdam, Utrecht en Rotterdam eind vorig jaar zeiden dat de handhaving "geen prioriteit zou krijgen". Aanvankelijk zou het verbod al 1 juli ingaan, maar het werd "in verband met de zorgvuldigheid" een maand uitgesteld.

De boetes worden straks vanuit een speciaal rekeningnummer van NIDA betaald. Als de kosten te hoog oplopen, volgt er een crowdfundingactie.