De Gemeente Den Haag gaat shishalounges en vechtsportgala's in de stad strenger controleren. Deze ondernemingen en organisaties moeten voortaan een vergunning aanvragen.

Dit laat burgemeester Pauline Krikke weten in een brief aan de voorzitter van de Commissie Bestuur. Deze maatregel moet de aanpak van de ondermijning in de gemeente versterken.

Als organisaties en ondernemingen een vergunning hebben of willen, kunnen zij getoetst worden op de Wet Bibob. Het bevoegde bestuursorgaan kan door deze wet - indien nodig - de aanvraag van een vergunning weigeren of de afgegeven vergunning intrekken.

Dit is volgens de burgemeester een belangrijk instrument in de strijd tegen ondermijning.

'Vechtsportgala's voorheen gebonden aan weinig eisen'

Voorheen hoefden locaties in de stad waar vechtsportgala's plaatsvinden, geen aanvullende vergunning of evenementenvergunning te hebben.

"In de vechtsportwereld is bekend dat er tot dusver in onze stad relatief
weinig eisen worden gesteld aan de organisatoren van vechtsportgala’s. Deze laagdrempeligheid in combinatie met het criminogene karakter van delen van de sector, veroorzaakt een verhoogd risico op ondermijning en problemen op het gebied van de openbare orde en veiligheid", schrijft Krikke.

Daarom wil ze de burgemeester vechtsportgala's aanmerken als evenement op grond van Algemene Plaatselijke Verordening (APV). Dit zou de mogelijkheid geven om meer eisen te stellen op het gebied van veiligheid, transparante bedrijfsvoering en financiering, sfeer en uitstraling.

"Door het volgen van een evenementenprocedure is ook gewaarborgd dat de politie tijdig een risico-inschatting van het vechtsportgala kan maken."

Krikke laat weten dat de vergunningplicht op grond van APV niet van toepassing is op toernooien, zoals judo-, worstel- of bokswedstrijden, waarbij het accent ligt op het beoefenen van sport. Hetzelfde geldt voor wedstrijden in sportscholen.