Een 44-jarige man en 35-jarige vrouw die verdacht worden van de gewelddadige roofmoord op de hoogbejaarde Ans van der Meer uit Den Haag in 2017, blijven hun betrokkenheid ontkennen.

Het duo zegt ook niets te maken te hebben met een woningoverval op een gehandicapt echtpaar, een jaar eerder. Voor de rechtbank in Den Haag probeerde het tweetal maandag alle bewijzen van politie en Openbaar Ministerie (OM) van tafel te vegen.

Het 85-jarige slachtoffer werd eind juni 2017 dood in haar flat in Loosduinen gevonden door vriendinnen. Ze was ernstig toegetakeld, haar borstbeen was gebroken, evenals een borstwervel, negen ribben en neus. Ze lag in haar slaapkamer onder een berg kleding.

De vrouw stierf door verstikking. Haar sieraden, geld en bankpassen waren gestolen.

Politie kwam op spoor tweetal door pinnen met gestolen bankpas

Enkele uren na de moord werd al twee keer gepind met haar bankpas. Zo kwam de politie op het spoor van het tweetal, beiden oud-medewerkers van de ABN.

Ze werden dagenlang gevolgd, waarna een spoor van gegevens naar de twee verdachten leidde, gaf de officier van justitie aan. Zo zijn ze herkend op beelden tijdens het pinnen en hadden ze de sieraden van de bejaarde vrouw in bezit.

Via hun oude werk wisten ze mogelijk dat de vrouw vermogend was, aldus het OM. Ook is er een DNA-spoor van O. gevonden in de woning.

Tijdens onderzoek kwam eerdere woningoverval op

Tijdens dit onderzoek, kwam ook de woningoverval uit 2016 in het vizier. Het viel de politie op dat er gelijkenissen waren tussen beide overvallen. Daarnaast leidden volgens het OM gegevens van de telefoons van Z. en O., hun autoroutes en parkeeracties naar de twee misdrijven.

Tevens worden ze zowel door bekenden als door deskundigen herkend op een filmpje in de hal en O. ook op foto's van het pinnen. De verdachten ontkenden dat zij dat waren en stelden dat een "grote crimineel" hun auto had geleend. De sieraden hadden ze van "iemand" gekocht.

Dinsdag komt het OM met de strafeisen.