Op verschillende plekken in Syrië worden kunstschatten illegaal opgegraven en vervolgens doorverkocht.

Unesco, de culturele organisatie van de Verenigde Naties, zegt dat de roof 'zeer gevaarlijk' en zelfs 'dodelijk' is voor het cultureel erfgoed van Syrië.

Francesco Bandarin van Unesco zei woensdag dat er op archeologische graafplaatsen door het hele land dingen uit de grond zijn gehaald. Onder meer in de ruïnes van Apamea, Mari, Ebla, Palmyra - alle steden uit de oudheid die inmiddels niet meer bewoond worden - zijn kunstschatten gestolen. Sommige ruïnes zijn harder getroffen dan andere.

"Apamea is compleet verwoest", aldus Bandarin.

Gestolen voorwerpen

Unesco probeert de bevolking bewust te maken van de illegale opgravingen. Politieagenten en douanebeambten in Syriës buurlanden wordt geleerd hoe ze gestolen voorwerpen kunnen herkennen, zei Bandarin. In Beiroet, de hoofdstad van Libanon, zijn enkele voorwerpen teruggevonden maar Bandarin denkt dat de meeste geroofde spullen zijn verdwenen.

De Europese Unie heeft dinsdag 2,5 miljoen euro toegezegd aan Unesco om het Syrisch cultureel erfgoed te beschermen, mensen bewust te maken en de illegale handel tegen te gaan. Unesco wil een kantoor in Beiroet op poten zetten en over een paar maanden een nieuw initiatief lanceren.

Lees meer over Syrië