Het schilderij De Vaandeldrager van Rembrandt is een stap dichter bij een terugkeer naar Nederland. De familie Rothschild, die het werk nu nog in bezit heeft, is akkoord gegaan met de verkoop van het werk aan de Nederlandse Staat.

Het doek wordt verkocht voor een bedrag van 175 miljoen euro. De Nederlandse Staat betaalt hiervan 150 miljoen euro. De Vereniging Rembrandt en het Rijksmuseum Fonds betalen respectievelijk 15 miljoen euro en 10 miljoen euro.

De Eerste en Tweede Kamer moeten nog akkoord gaan met de aanschaf van het werk. Als zij ermee instemmen, is de aankoop definitief. Het werk moet uiteindelijk in het Rijksmuseum komen te hangen. Directeur Taco Dibbits zei eerder op de dag er nog niet gerust op te zijn dat het werk daadwerkelijk aangeschaft gaat worden, wegens mogelijke kapers op de kust. "Eerst zien, dan geloven", aldus Dibbits.

De familie Rothschild wilde het werk in 2019 al verkopen. Frankrijk bestempelde het toen echter als een nationale schat, waardoor het land dertig maanden de tijd kreeg om het zelf aan te schaffen. Dat gebeurde uiteindelijk niet.

De Vaandeldrager is een zelfportret van Rembrandt, waarin hij zichzelf volgens het ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschap "rebels en vol bravoure" afbeeldt. "Het werd zijn artistieke doorbraak die zou leiden tot De Nachtwacht." Rembrandt, destijds dertig jaar, beeldde zichzelf af als vaandeldrager, iemand die de troepen begeleidde in de Tachtigjarige Oorlog.