Wetenschappers zijn erin geslaagd om met nieuwe computertechnieken voor het eerst een ongeopende brief uit de zeventiende eeuw te lezen. De ruim driehonderd jaar oude brief komt uit een brievenkist, die bewaard werd in een postkantoor in Den Haag en waarin in totaal 2.600 brieven zaten.

Onder anderen Rebekah Ahrendt van de Universiteit Utrecht en Nadine Akkerman van de Universiteit Leiden maakten deel uit van het internationale team dat de ontdekking deed. Hun bevindingen zijn gepubliceerd in het wetenschappelijke tijdschrift Nature Communications.

Met behulp van röntgenstralen wisten de onderzoekers de inkt van de brief weer zichtbaar te maken. De brief werd vervolgens virtueel geopend door een computergestuurd algoritme dat duizenden scans samenvoegde om de tekst ook leesbaar te maken.

Omdat enveloppen in de zeventiende eeuw nog niet bestonden, werden brieven in deze periode zo gevouwen dat het papier zelf een envelop vormde. Om ervoor te zorgen dat niet iedereen de boodschap kon lezen, pasten mensen soms complexe vouwtechnieken toe. Dit proces staat bekend als letterlocking.

Natuurlijk hadden de onderzoekers de brief ook gewoon kunnen openen, maar zij vreesden dat dit het papier te veel zou beschadigen.

De zeventiende-eeuwse brievenkist.

De zeventiende-eeuwse brievenkist.
De zeventiende-eeuwse brievenkist.
Foto: Courtesy of the Unlocking History Research Group archive

Brief bevat uittreksel van overlijdensbericht

De eerst geopende brief werd op 31 juli 1697 door ene Jacques Sennacques gestuurd naar zijn neef Pierre Le Pers, een Franse koopman in Den Haag. Sennacques vroeg Le Pers om een uittreksel van een overlijdensbericht.

De boodschap lijkt misschien niet bijzonder, maar volgens de onderzoekers bevatten de dagelijkse beslommeringen van gewone mensen juist een schat aan historische informatie. Correspondentie tussen normale mensen is vaak minder goed bewaard gebleven dan die van de elite.

De Haagse postmeester Simon de Brienne bewaarde de brieven in de hoop er ooit nog geld voor te vangen. In de zeventiende eeuw moesten ontvangers voor een brief betalen. Weigerden zij dit of kon de ontvanger niet gevonden worden, dan bewaarden postmeesters de stukken.

De brieven van De Brienne bereikten nooit hun bestemming en de kist, die nu bekend staat als de Briennekist, bleef honderden jaren bewaard. Het object werd in 1926 geschonken aan het Postmuseum in Den Haag, dat tegenwoordig Beeld en Geluid Den Haag heet.

In de collectie zitten nog zo'n zeshonderd verzegelde brieven, die hun geheimen nog prijs moeten geven.