Adriaan van Dis heeft net een nieuw boek uitgebracht, maar heeft al een volgend werk klaarliggen. Het gaat om een bundel reisverslagen die zo pikant zijn, dat hij ze wellicht pas na zijn dood wil uitbrengen.

"Ik wil heel graag een boek schrijven over een jongeman van negentien die een wereldreis maakt. Eigenlijk héb ik het al geschreven; het is een oud dagboek, een verslag van mijn reis door Perzië en Irak. Je kon destijds zo de grens over. Er heersten geen oorlogen", zegt Van Dis in een interview in Trouw.

De schrijver kwam tijdens zijn reis van negen maanden geen enkele vrouw tegen, wat hem destijds niet verbaasde. "Wat idioot eigenlijk! Hoe keek ik toen naar de wereld? Ik sliep op de daken voor een kwartje en luisterde naar het suizen van het heelal."

Sommige belevenissen die Van Dis in het Midden-Oosten meemaakte, zijn volgens de auteur reden voor rode oortjes.

"Ik beleefde scandaleuze avonturen. Daarom kan het boek misschien beter pas uitkomen als ik dood ben. En zo heb ik nog veel meer persoonlijk materiaal liggen voor na mijn tijd. Nee, ik kijk nog lang niet uit naar de dood - maar tegelijk kan ik er nauwelijks op wachten."

'Laat die mensen vrij!'

In zijn net verschenen boek KliFi heeft Van Dis de koninklijke familie onttroond. Van Dis zegt dat er in de maatschappij "om humanitaire redenen" langzaamaan geen plek meer voor de familie Van Oranje is.

"Soms denk ik weleens, als ik weer wat tragische blunders van de Oranjes zie, dat de tijd me inhaalt. In een vrolijke alinea zeg ik inderdaad dat de Oranjes zijn verjaagd. Het koningshuis is zo afgedaald naar het volk dat het niet meer geheimzinnig is. Onze koning is te zichtbaar geworden, net als zijn kinderen. Arme Amalia. Laat die mensen vrij!"