Theaters, poppodia, bioscopen en doorstroomlocaties als musea moeten vanaf woensdag 22.00 uur twee weken sluiten om de verspreiding van COVID-19 tegen te gaan. Dat is dinsdagavond bekendgemaakt tijdens de persconferentie van premier Mark Rutte en minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid).

Tijdens de persconferentie van dinsdag 3 november werd meegedeeld dat alle publieke, toegankelijke gebouwen en doorstroomlocaties voor twee weken moeten sluiten om zo het aantal bewegingen en contact te verminderen. Dit geldt onder meer voor theaters, bioscopen, buurthuizen, musea, dierentuinen en pretparken. Ook meerdaagse evenementen moeten woensdag om 22.00 uur sluiten. Voor de meeste doorstroomlocaties betekent dit concreet dat zij vanaf donderdag de deuren sluiten.

Veel theaters en concertzalen hebben hun programma echter al na de vorige persconferentie geschrapt. Toen werd besloten dat die instellingen maximaal dertig man publiek per zaal mochten ontvangen, met inachtneming van de anderhalvemeterregel. Bij zogenoemde 'doorstroomlocaties' was dit anders: hier werd de capaciteit bepaald aan de hand van de grootte van een gebouw. Ook moesten bezoekers toen een tijdvak reserveren.

Winkels, sportscholen en contactberoepen als kappers mogen wel openblijven. Groepslessen op de sportschool mogen echter niet doorgaan.

Na twee weken terug naar gedeeltelijke lockdown

Na deze twee weken gaan we volgens Rutte terug naar de gedeeltelijke lockdown. De gedeeltelijke lockdown duurt in ieder geval tot midden december.

Deze nieuwe maatregel rondom publieke gebouwen en doorstroomlocaties is een van de drie maatregelen die dinsdagavond aangekondigd werd. Ook gaat de maximale toegestane groepsgrootte buiten van vier naar twee personen en wordt het dringende advies om binnen dagelijks hooguit twee in plaats van drie gasten te ontvangen.

'Sneller toewerken naar verlichting'

"Door deze maatregelen te nemen kunnen we sneller toewerken naar verlichting van de maatregelen", aldus Rutte. De bedoeling van de extra maatregelen is om het aantal contacten te verkleinen en zo verspreiding van het coronavirus tegen te gaan. Dit moet ertoe leiden dat de zorg wordt ontzien.

"Het aantal besmettingen daalt eindelijk. En toch nemen we nu extra maatregelen, bovenop de lockdown", aldus De Jonge. Hij legt uit dat die beslissingen zijn genomen omdat de cijfers niet zo gunstig zijn als nodig. "We zijn nog lang niet bij ons doel: mensen in de zorg ontzien."