Minister van Cultuur Ingrid van Engelshoven heeft woensdag in een brief aan de Tweede Kamer de verdeling van de 300 miljoen euro noodsteun aan de culturele sector bekendgemaakt.

De zeventig instellingen die als onderdeel van de zogeheten basisinfrastructuur in de periode 2017-2020 subsidie krijgen van het Rijk, ontvangen 113 miljoen euro extra subsidie. Ook een beperkt aantal instellingen die hier niet onder vallen, bijvoorbeeld wetenschapsmuseum NEMO, het Onderwijsmuseum en het Nederlands Instituut voor Beeld en Geluid, krijgen extra steun.

De zes rijkscultuurfondsen krijgen 35 miljoen euro voor extra hulp om de tweehonderd instellingen die zij meerjarig subsidiëren te ondersteunen. Het Filmfonds ontvangt 5 miljoen voor steun aan filmproducenten tijdens de coronacrisis.

48,5 miljoen voor gemeenten en provincies

Van Engelshoven investeert via het Mondriaan Fonds (16 miljoen euro), het Fonds Podiumkunsten (29 miljoen) en het Filmfonds (3,5 miljoen) 48,5 miljoen euro in gemeenten en provincies die regionale musea, (pop)podia en filmtheaters aanvullend ondersteunen.

Voor de Cultuur Opstart Lening, die naar verwachting in juni van start gaat, trekt Van Engelshoven 30 miljoen euro uit. Om Rijksmonumenten te beschermen komt voor de Opengestelde Monumenten Lening 50 miljoen euro vrij.

Op 15 april stelde het kabinet 300 miljoen euro extra beschikbaar om de cultuursector te ondersteunen die hard is getroffen door het coronavirus. Het pakket moet instellingen die van vitaal belang zijn voor de sector door de coronacrisis loodsen.

Volg de laatste ontwikkelingen rond het virus in ons liveblog.