De Nobelprijzen voor de Literatuur zijn donderdag in Stockholm toegekend aan de auteurs Olga Tokarczuk en Peter Handke. Ze wonnen voor respectievelijk het jaar 2018 en 2019.

De Poolse auteur Tokarczuk werd bekroond vanwege haar "narratieve verbeelding waarmee ze met een encyclopedische passie het doorbreken van grenzen neerzet als levensvorm". De 57-jarige schrijfster won in 2018 al de Man Booker International Prize voor De Rustelozen. Eerder dit jaar verscheen De Jacobsboeken in Nederland.

De boeken en toneelteksten van de Oostenrijkse schrijver Handke worden door het comité omschreven als "invloedrijk werk, dat met linguïstische vindingrijkheid de periferie en specificiteit van menselijke ervaringen heeft onderzocht." Handke schreef onder meer De angst van de doelman voor de strafschop en Ongezocht Ongeluk: Een vertelling.

Naast boeken en toneelstukken, bracht hij ook films uit. Zo verfilmde hij zijn eigen boek Die linkshändige Frau, waarmee hij genomineerd werd voor een Gouden Palm. Daarnaast schreef hij samen met Wim Wenders het scenario van Der Himmel über Berlin.

Winnaars van 2018 en 2019 samen bekroond

Bij het uitreiken van de Nobelprijs is het nog niet eerder voorgekomen dat er twee jaargangen in één keer werden behandeld. De prestigieuze literatuurprijs werd in 2018 niet uitgereikt, vanwege een seksschandaal rond de echtgenoot van comitélid Katarina Frostenson. Er werd daarom voor gekozen om zowel de winnaar van 2018 als 2019 op donderdag bekend te maken.

Jean-Claude Arnault, een Franse fotograaf, werd in 2018 door achttien vrouwen beschuldigd van seksuele intimidatie en misbruik. In oktober werd hij veroordeeld tot twee jaar gevangenisstraf. Eerder kwam hij al in opspraak toen bleek dat hij jarenlang de namen van Nobelprijs-winnaars had gelekt.

De Nobelprijs voor de Literatuur wordt sinds 1901 uitgereikt. In 2017 werd de onderscheiding toegekend aan de Japanse schrijver Kazuo Ishiguro. Daarvoor ging hij onder meer naar Bob Dylan (2016), J.M. Coetzee (2003), Günter Grass (1999), Gabriel García Márquez (1982) en Samuel Beckett (1969). Nog nooit won een Nederlandse auteur de prestigieuze prijs.