In het Design Museum in Den Bosch opent zondag de langverwachte expositie Design van het Derde Rijk. Gezien de gevoeligheid van dat onderwerp staat er niet één suppoost per zaal, maar drie à vier.

Te zien zijn onder meer affiches, foto's, uniformen, meubels, documenten, een auto, allemaal uit het nazitijdperk, en beelden van Hitlers favoriete beeldhouwer Arno Breker.

Ook worden tal van films getoond, onder meer van hoe de nazi's zich Berlijn en München in de toekomst voorstelden. Het museum verwacht nogal wat belangstelling; voor de eerste dagen zijn de meeste tijdsblokken al zo goed als volgeboekt.

Sommige mensen vragen zich af of je een dergelijke expositie wel moet organiseren. Het museum is echter van mening dat getoond moet worden hoe een specifieke manier van ontwerpen kan bijdragen aan het succesvol promoten van een misdadige ideologie. Rekening houdend met gevoeligheden en eventuele bezoekers met bijvoorbeeld een zorgwekkende interesse in het onderwerp is gekozen voor een hoger aantal suppoosten dan normaal.

Volgens directeur van het Design Museum, Timo de Rijk, is het 75 jaar na de oorlog mogelijk en ook nodig om "niet alleen het leed' van die tijd als leidraad voor de geschiedschrijving te nemen. "Ik denk dat het gevaarlijk is om dingen weg te stoppen", zegt hij. Hij waarschuwt dat kunst en toegepaste kunst ook ten kwade kunnen worden ingezet, juist omdat we denken "dat we van kunst betere mensen worden".

Geen enkele poging tot nuancering

Het museum benadrukt dat het geen enkele poging wil doen tot nuancering van het kwaad. Waar de gewiekste aanpak van de naziontwerpers en hun opdrachtgevers uiteindelijk allemaal toe leidde, wordt volgens een woordvoerder vooral duidelijk uit de audiogids die iedere bezoeker krijgt.

Op sensatie is directeur De Rijk niet uit. "Dan had ik een heel andere expositie gemaakt", zegt hij. Zo kon hij een guillotine uit de oorlog uit Duitsland lenen, maar die wilde hij niet hebben.

De expositie duurt tot medio januari.