Na negen jaar brengt Peter Buwalda zijn tweede roman uit: Otmars zonen, het eerste deel van een trilogie. Recensenten zijn lovend over het boek en vinden dat het zich kan meten met zijn goed ontvangen voorganger Bonita Avenue.

de Volkskrant - 4 sterren

"Gebroken gezinnen, vaders en zonen, verwachtingen en ambities, Enschede en Blerick, en muziekdetails die tot kwesties van levensbelang worden opgeblazen: vreemd als het klinken mag, maar reeds bij zijn tweede roman, Otmars zonen, het eerste deel van een trilogie, doet de wereld van Peter Buwalda (1971, opgegroeid in Blerick) vertrouwd aan - we herkennen veel thema's en obsessies uit zijn veelvuldig genomineerde, bekroonde en vertaalde debuut Bonita Avenue (2010), uit zijn Volkskrant-columns en uit interviews."

"Buwalda lezen is ook altijd meegetrokken worden in een web van verwijzingen, méér dan een spelletje, want deze romanbouwer is ervan doordrongen dat niemand zonder fundament aan eigen werk kan beginnen. Niet voor niets was hij al bijna veertig toen hij debuteerde."

Lees de volledige recensie hier

NRC - 5 sterren

"Hoewel Otmars zonen uiteindelijk op vrijwel alle punten Bonita Avenue overtreft en aanvankelijke twijfels briljant tenietdoet, begint het weerbarstig. Het was het al op voorhand: Otmars zonen werd aangekondigd als het eerste deel van een trilogie. Deel één telt zeshonderd pagina's - niet bepaald een laagdrempelige kennismaking."

"Buwalda's schrijftechniek is nog wel het indrukwekkendst aan Otmars zonen. Zo gauw als Ludwigs vatersuche zich in volle glorie opgedrongen heeft, er dus iets op het spel staat en het verhaal op stoom is, slik je alle voorgeschiedenis als belangwekkende karaktertekening."

Lees de volledige recensie hier

Elsevier - 4 sterren

"Het boek heeft een duizelingwekkende line-up van personages - waarvan er geregeld eentje uit het vizier raakt - en een plot die zich fijn vertakt naar alle kanten uitstrekt en bovendien bulkt van verwijzingen naar (pulp)literatuur, pop en de actualiteit. En dan is dit nog maar het eerste deel van een trilogie die 1.750 pagina's moet gaan tellen."

"Buwalda zet steeds groots in, om de ingezette lijn nogal plotseling los te laten, waardoor rommeligheid dreigt. Het verhaal over Ludwigs stiefbroer Dolf, die strak gehouden door Otmar opgroeit tot een begaafde, maar geesteszieke pianist, blijft bijvoorbeeld ergens hangen. Het kan goedkomen, in de al aangekondigde twee delen waarvan nog onduidelijk is wanneer ze zullen verschijnen."