Volgens de rechtbank in Alkmaar had de gemeente Den Helder de onderhandelingen met kunstenaar Rob Scholte over de aankoop van een voormalig postkantoor eind 2017 niet mogen afbreken. Dat is de uitkomst van de zaak die Scholte had aangespannen tegen de gemeente.

De rechtbank volgde Scholte niet in de stelling dat er sprake was van een koopovereenkomst van het pand, waar Scholte en zijn gezin woonden en hij een atelier en eigen museum had. De partijen waren het tijdens de onderhandelingen nooit eens geworden over de hoofdzaken, zoals de prijs van het pand.

Beide partijen naderden elkaar daarin wel en de gemeente heeft herhaaldelijk de intentie uitgesproken het pand aan hem te verkopen. De gemeenteraad wilde het pand uiteindelijk aan Scholte verkopen, maar daar gingen burgemeester en wethouders niet in mee.

De gemeente heeft volgens de rechtbank onrechtmatig gehandeld door de onderhandelingen af te breken. Het vonnis is voor Scholte niet meer dan een wassen neus. Het voormalige postkantoor is inmiddels aan iemand anders verkocht en de onderhandelingen kunnen zodoende niet worden heropend. Mede daardoor gaat Scholte bij de gemeente Den Helder een schadevergoeding eisen, zegt zijn advocaat Benno Friedberg.

Het museum en atelier van Scholte werden uiteindelijk vorig jaar april ontruimd, omdat de kunstenaar geen gehoor gaf aan de oproep te vertrekken. Hij vond dat eerst de bodemprocedure in de zaak moest worden afgewacht. Hij schreef zelfs een open brief aan premier Mark Rutte om zijn zaak te bepleiten.