Stefano Keizers wil tijdens zijn voorstellingen "een gevangenisgevoel oproepen". "Ik wil dat ze denken: 'Dit houdt misschien wel nooit meer op.'"

Dat zegt Keizers in een interview met Trouw. "Ik ga voorbij de grap, voorbij de irritatie. Ik wil bij het publiek een gevangenisgevoel oproepen, een onveilige situatie, een hel voor ze creëren."

Volgens de 31-jarige Keizers, die eigenlijk Gover Meit heet en in 2016 het Amsterdams Kleinkunst Festival won, wordt de cabaretwereld vooral door oude mensen gedomineerd.

"Ik ken veel twintigers die zeggen: 'Ik ga niet naar cabaret, dat is iets voor oude mensen.' Ook de theaterdirecteuren, recensenten en juryleden zijn oud. Het Nederlandse cabaret is een bejaardenplatform. Ik dacht: als je een carrière wil in het theater, moet je blijkbaar de grijze man pleasen. Het is een bange wereld. Vanuit agressie daarover ben ik zelf dingen gaan maken."

Publiek mag het niet saai vinden

Om het publiek niet te veel af te schrikken en de agressie te beteugelen, krijgt Keizer de steun van een regisseur: "Hij wil het publiek een leuke avond bezorgen, hij wil voorkomen dat ze écht afhaken, dat ze massaal hun Facebook-pagina's gaan bijwerken tijdens de voorstelling omdat ze het te saai vinden. Dan vertellen ze niet aan hun vrienden: 'Die Stefano Keizers moet je echt eens gaan bekijken.'"

Keizer is genomineerd voor Neerlands Hoop. Dat is een van de belangrijkste prijzen voor Nederlands cabarettalent. Andere genomineerden zijn Rundfunk, René van Meurs, Martijn Kardol en Johan Fretz. De winnaar wordt maandagavond bekendgemaakt.

Daarnaast verschijnt in november Keizers' debuutroman met de titel Twee Luitenanten.