Het vakmanschap van de molenaar moet behouden en beschermd blijven in de toekomst. 

Nederland draagt daarom het molenaarsambacht als immaterieel erfgoed voor bij UNESCO, de VN-organisatie voor Wetenschap, Onderwijs en Cultuur.

Minister Jet Bussemaker (Cultuur) maakte de nominatie woensdag bekend op de molen d'Admiraal in Amsterdam-Noord. Het is de eerste keer dat Nederland een traditie aandraagt voor de UNESCO-lijst voor immaterieel cultuur erfgoed van de mensheid. Hierop staan tradities, rituelen, gebruiken en ambachten die mensen niet verloren willen laten gaan.

Als dit erfgoed wordt beschermd, dan betekent het dat het levend moet worden gehouden. In Nederland dreigde het molenaarsambacht uit te sterven. Inmiddels zijn er vijftig beroeps- en vrijwillige molenaars en is er een opleiding opgezet.

Dynamische monumenten

''Molens zijn al sinds eeuwen met Nederland verbonden. Molenaars zijn nodig om de molens te laten draaien. Ook in de toekomst moeten we kunnen blijven genieten van de werking van deze dynamische monumenten. Door het ambacht voor te dragen bij UNESCO, gaat het vakmanschap van werken met molens niet verloren voor volgende generaties en blijft Nederland hét molenland bij uitstek'', aldus Bussemaker.

De molen d'Admiraal is een Rijksmonument en de enige nog werkende krijtmolen in Nederland. De toen al 90-jarige Elisabeth Admiraal liet de molen in 1792 bouwen. Er werd met name krijt vermalen, dat werd gebruikt als verfstof.