Museum Rotterdam en het Stadsarchief Rotterdam geven de komende maanden meer bekendheid aan de vijf dagen voorafgaand aan het verwoestende bombardement op de stad op 14 mei 1940.

Het bombardement mag dan in historisch opzicht een bekende catastrofe zijn, de vijf dagen die daaraan voorafgingen zijn veel minder bekend. Het waren de dagen voor de overgave aan Duitsland. 

Aan de hand van drie perspectieven - de Duitsers, de Nederlandse militairen en de bevolking - wordt een verhaal verteld over hoe deze groepen de dagen voor het bombardement beleefden.

Voor het eerst worden veel foto's uit Duitse privécollecties gebruikt om de aanval vanuit het Duitse perspectief weer te geven. "De Duitsers werden destijds aangemoedigd foto’s te maken om die af te drukken in allerlei militaire tijdschriften", zegt Rob Noordhoek van Museum Rotterdam.

Samenwerkingen

De expositie, De Aanval, is niet alleen een samenwerking tussen Museum Rotterdam en het Stadsarchief Rotterdam, ook het Militär Historisches Museum in Berlijn doet mee. Dat leverde vooral veel uitgebreide en nauwkeurige informatie op over de belevenissen aan Duitse kant, weet directeur Jantje Steenhuis van het stadsarchief.

Zij benadrukt dat de val van Rotterdam feitelijk de val van Nederland betekende. "De Duitsers dreigden na Rotterdam ook andere steden plat te gooien, zoals Utrecht."

Slagveld

In Rotterdam hadden de Duitsers vooral stelling genomen op de zuidkant van de stad, de Nederlandse militairen lagen in het noordelijke deel. "Daar zat de Rotterdamse bevolking precies tussen. Die zat midden in het slagveld", stelt Noordhoek. "De Aanval is niet alleen een intense ervaring, maar ook een verhaal voor wie Rotterdam beter wil begrijpen", menen de samenstellers.

De Aanval in de onderzeebootloods op het RDM-terrein is van 30 april tot en met 25 oktober te zien.