Carnaval in Brabant wil juist niet op de nationale lijst met tradities die moeten worden beschermd.

Voorzitter Rob van de Laar van de Brabantse Carnavals Federatie (BCF) heeft dat donderdag gezegd in reactie op een initiatief in Provinciale Staten.

Ook het carnaval in Den Bosch (Oeteldonk) ziet na een discussie voorlopig af van de wens om op de lijst te komen.

Een plekje op de nationale lijst is de eerste stap naar een eventueel plekje op de lijst van immaterieel erfgoed van VN-cultuurorganisatie Unesco.

Een plek op de lijst van Unesco heeft volgens de Brabantse Carnaval Federatie geen voordelen en zelfs nadelen. De federatie vreest bijvoorbeeld dat het carnaval een (internationale) toeristische trekpleister wordt. ''We zijn een lokaal feest. We zijn Volendam niet'', aldus Van de Laar.

Elf keer nadenken

De carnavalsvierders zijn ook bang dat het feest internationaal verkeerd wordt opgevat. Van de Laar wijst daarbij bijvoorbeeld op de (internationale) verontwaardiging over het sinterklaasfeest en internationale commotie die was ontstaan over het wereldberoemde carnaval in Aalst (België) toen daar carnavalisten als SS-officieren door de stad trokken. ''Carnaval is een feest van parodie en persiflage. Het is al zo moeilijk om te parodiëren.''

''We hebben geconcludeerd dat je wel elf keer moet nadenken of je echt op de lijst wilt.''