Het Vrijheidsmuseum WO II dat in Nijmegen de deuren moet openen, rekent op 'een ambitieus hoog' aantal bezoekers. In het bedrijfsplan gaat het museum uit van 200.000 tot 225.000 bezoekers per jaar, maar er zijn in Nederland maar erg weinig musea die dit bezoekersaantal halen.

Dat stelt adviesbureau ZKA, dat in opdracht van Nijmegen, de provincie Gelderland en het fonds (Nationaal Fonds voor Vrede, Vrijheid en Veteranenzorg) het bedrijfsplan van het museum heeft doorgelicht.

Daar staat tegenover, aldus de adviseurs, dat Nederland nog geen vergelijkbaar museum heeft. Het bezoek aan Memorial Caen in Frankrijk en Flanders Fields in het Belgische Ieper laat zien dat zoveel bezoekers trekken niet onmogelijk is. Gezien de enorme belangstelling voor de wereldoorlogen heeft het Nederlandse museum internationale potentie.

Het Vrijheidsmuseum moet het hele verhaal over de Tweede Wereldoorlog gaan vertellen, vanaf de aanloop tot en met de wederopbouw in Nederland. Maar er is nog een gat van zo'n 10 miljoen euro op de begroting. Daarvoor is volgens de onderzoekers wel geld te vinden, als er een goede lobby op gang komt. Het is volgens ZKA geen goed idee om de presentatie te beperken, want dan komen er ook minder bezoekers.