Voor het eerst krijgen mensen in Nederland een tweede boosterprik tegen COVID-19. Vrijdag worden de eerste doses van de herhaalboosters toegediend. Het kabinet heeft besloten om de extra ronde te organiseren, omdat de versoepeling van coronaregels kan leiden tot een nieuwe toename van het aantal besmettingen.

Ongeveer 2,1 miljoen mensen van zeventig jaar of ouder komen in aanmerking voor de extra boosterprik. Tot nu toe hebben iets meer dan 300.000 mensen een uitnodiging ontvangen. Volgens de GGD's hebben ruim 42.000 van hen een prikafspraak gemaakt. Dat komt neer op zo'n 14 procent van de groep uitgenodigden.

Volgens het RIVM is het nog niet mogelijk om conclusies te verbinden aan het percentage gemaakte afspraken. "De uitnodigingen zijn kort geleden verstuurd, de doelgroep neemt wellicht de tijd om een afspraak te maken. Daarbij is het in een groot deel van Nederland momenteel vakantie, mensen zijn zelf weg of afhankelijk van familie om naar de locatie te komen", aldus het instituut.

Voor de boosterprik kunnen de zeventigplussers terecht op 151 vaccinatielocaties van de GGD, verspreid over het hele land. Wanneer mensen de prik kunnen krijgen, hangt af van hun laatste vaccinatie of hun laatste coronabesmetting. Die moet minstens drie maanden geleden zijn. Het RIVM houdt dat bij en verstuurt aan de hand daarvan de uitnodigingen.

Niet alleen zeventigplussers komen in aanmerking

Zo'n 133.000 mensen met een ernstige immuunstoornis kunnen ook de booster krijgen. Zij worden hiervoor uitgenodigd wanneer ze aan de beurt zijn. Verder komen ongeveer 15.000 volwassenen met het syndroom van Down voor de extra prik in aanmerking. Zij krijgen de uitnodiging via de huisarts.

Ook bewoners van verpleeghuizen kunnen de tweede boosterprik krijgen. Wanneer een verpleeghuis minstens twee bewoners van boven de zeventig heeft, kunnen alle bewoners de extra boosterprik krijgen, ook als ze jonger dan zestig zijn.