Het kabinet beslist vrijdag over het eventueel verlengen van de lockdown of het versoepelen van coronamaatregelen. Voor veel gebruikers op ons discussieplatform NUjij hét moment om (opnieuw) te vragen of de sportscholen opengaan en waarom binnen sporten momenteel überhaupt niet mogelijk is. Het ministerie van Volksgezondheid, het RIVM en een onafhankelijk expert geven antwoord.

Sporten wordt door het kabinet al de hele coronapandemie steevast als "waanzinnig belangrijk" bestempeld. Toch zijn er vaak (meer) beperkingen voor de sector dan voor bijvoorbeeld de (niet-essentiële) detailhandel.

Zo konden tijdens de eerste coronagolf winkels zoals IKEA sneller open dan bijvoorbeeld de sportscholen. Ook moesten binnensportlocaties vorige zomer een maand langer wachten op heropening dan bijvoorbeeld terrassen en winkels. Het leidt steevast tot veel onbegrip.

Er zit gewoon een verschil van besmettingsrisico's in de situaties, legt een woordvoerder van het RIVM uit. Hij verwijst naar de inspanning die mensen verrichten in sportscholen. "Daardoor ga je bijvoorbeeld dieper in- en uitademen, en dat doe je ook nog eens op een hogere frequentie. Het vergroot de kans dat je virusdeeltjes inademt of verspreidt." Dat risico is er niet (of minder) in winkels en op terrassen, aldus de woordvoerder.

Daarnaast is bijvoorbeeld de ventilatie buiten "natuurlijk" beter, vervolgt de woordvoerder. "Uiteindelijk gaat het om een risicoafweging en het risico op virusverspreiding is buiten gewoon kleiner."

Ook klinisch epidemioloog Frits Rosendaal van het LUMC ziet duidelijke virusverspreidingsrisico's. "Lichaamsvochten vliegen in het rond en de ventilatiekwaliteit wisselt per locatie. Het kan gewoon een bron van besmetting zijn."

Het kabinet wil met de huidige lockdown het aantal contactmomenten drastisch verminderen en kon weinig uitzonderingen maken, verklaart een woordvoerder van het ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport (VWS) het beleid. Daarbij benadrukt het ministerie dat voor buitensporten (onder voorwaarden) een uitzondering is gemaakt, "vanwege het belang van sporten".

Binnen sporten is volgens het ministerie nog niet mogelijk. "Veel mensen blijven dan langere tijd in een relatief kleine ruimte bij elkaar. Daarom hebben we dat onderscheid gemaakt."

Het ministerie zet sportlocaties, samen met onderwijslocaties, "altijd bovenaan de lijst staan om als eerste open te gaan", aldus de woordvoerder. Vanwege de bovengenoemde maatregelen wordt het echter wel "logisch" geacht dat buitensportlocaties eerder open gaan dan binnensportlocaties.

Het is nooit bewezen dat het sluiten van binnensportlocaties effect heeft op de virusverspreiding, erkent Rosendaal. Dat is volgens hem lastig om te bewijzen. "Het totale pakket aan maatregelen heeft effect, maar per losse maatregel kun je het percentage niet berekenen. Daar zitten te veel variabelen aan, zoals het verminderde aantal vervoersmomenten dat je realiseert."

Sommige sportscholen protesteerden vorig jaar tegen sluiting door toestellen naar buiten te slepen.

Sommige sportscholen protesteerden vorig jaar tegen sluiting door toestellen naar buiten te slepen.
Sommige sportscholen protesteerden vorig jaar tegen sluiting door toestellen naar buiten te slepen.
Foto: ANP

Maar sporten maakt je gezonder: kunnen we het niet gebruiken als wapen tegen COVID-19?

Volgens Rosendaal blijft dat argument, veelgehoord in de sportsector, niet helemaal overeind. "Sporten maakt je wel gezonder", beaamt hij, "maar je valt er niet per se van af." En dat is volgens hem een belangrijke nuance, met het oog op een van de risicogroepen in deze coronapandemie: de mensen met ernstig overgewicht.

De keuze om binnensportlocaties te sluiten kan volgens Rosendaal alleen maar te maken hebben met de poging om de virusverspreiding tegen te gaan. "De mensen die bijvoorbeeld in de sportscholen komen, lopen namelijk zelf vaak niet het risico om ernstig ziek te worden. Maar het verhoogt wel de kans dat zij besmet raken en het virus doorgeven."

Wetenschappelijk bewijs of niet, Rosendaal benadrukt dat hij alle sympathie heeft voor het onbegrip vanuit de sportsector, en in het bijzonder vanuit sportscholen.

"Het bierdrinken achteraf in een kantine gebeurt daar niet, of veel minder. Mensen sporten en gaan naar huis. In het hele maatregelenpakket van wat je moet doen om de virusverspreiding te verminderen en wat je daadwerkelijk aanpakt, is het dé onschuldige partij. Scholen zijn echter het belangrijkste om open te hebben. Een klein beetje verspreiding nemen ze daar op de koop toe."