Nederland gaat weer in lockdown en dat gebeurt vooral om tijd te rekken: zo veel mogelijk mensen moeten een boosterprik kunnen halen, zodat iedereen wat beter beschermd is tegen de omikronvariant. Wat is het nut van zo'n booster als de huidige vaccins een stuk minder effectief lijken bij het voorkomen van een besmetting met deze variant?

Het korte antwoord: boosters verlichten de druk op de zorg. De huidige vaccins bieden minder bescherming tegen besmetting, maar lijken nog steeds goed te beschermen tegen ernstige ziekteverschijnselen. De effectiviteit van de bescherming tegen ernstige ziekte neemt wel af na verloop van tijd. Een boosterprik scherpt die weer aan. Zo worden minder mensen ernstig ziek en kan het aantal ziekenhuisopnames worden beperkt.

Wanneer het coronavirus net als de griep een endemisch, jaarlijks terugkerend fenomeen wordt, en hoe vaak we in de toekomst een booster zullen moeten halen, zijn vragen waar nog geen antwoord op is. Voor nu ligt de focus duidelijk op het voorkomen van een zorginfarct.

We weten nog niet veel over de omikronvariant. Die is immers pas recent ontdekt. Het is bijvoorbeeld nog niet duidelijk of mensen er net zo ziek van worden als van de deltavariant, die nu dominant is in Nederland. Wel weten we inmiddels dat de omikronvariant veel besmettelijker is.

Daarom denkt het Outbreak Management Team (OMT), dat het demissionair kabinet adviseert, dat de omikronvariant al tussen Kerst en de jaarwisseling de dominante variant zal worden. Met andere woorden: we zitten in een nieuwe besmettingsgolf.

Zelfs als omikron een milder ziekteverloop met zich meebrengt, kan zo'n nieuwe golf alsnog een enorme nieuwe belasting voor de (al overbelaste) zorg betekenen. Een rekenvoorbeeld met willekeurig gekozen cijfers laat zien waarom.

Door variant A worden 2 op de 100 besmette mensen ernstig ziek.
Variant A besmet in totaal 1.000 mensen. 20 van hen belanden in het ziekenhuis.

Door variant B wordt 1 op de 100 besmette mensen ernstig ziek.
Variant B is besmettelijker dan A en besmet in totaal 5.000 mensen. 50 van hen belanden in het ziekenhuis.

In het bovenstaande voorbeeld is variant B half zo ziekmakend als variant A, maar zorgt de grotere besmettelijkheid onder de streep toch voor een grotere ziekenhuisbezetting. Dat wil het kabinet met de huidige lockdown en de boosterprikcampagne voorkomen. Die lockdown moet tijd scheppen om zo veel mogelijk boosterprikken te zetten.

OMT-voorzitter Van Dissel legt uit waarom harde lockdown nodig is
71
OMT-voorzitter Van Dissel legt uit waarom harde lockdown nodig is

Hoe werkt een boosterprik? Daarvoor moeten we kijken naar de bescherming van het menselijk lichaam tegen een virus, die uit twee lagen bestaat: antistoffen en T-cellen. Beide worden aangemaakt als iemand een vaccinatie ontvangt.

Antistoffen zijn als het ware de portier aan de deur van een nachtclub. Ze beschermen tegen de 'ongewenste gast': besmetting en lichte klachten als verkoudheid. Omikron is zodanig gemuteerd dat de antistoffen het virus niet meer goed 'herkennen' en het daardoor makkelijker erlangs kan glippen. "Iemand trekt plotseling een andere jas aan en dan herken je hem niet meer. Dat is eigenlijk wat er gebeurt", zei RIVM-topman Jaap van Dissel op de persconferentie.

Dat betekent overigens niet dat de portiers helemaal jassenblind zijn geworden: de vaccins van Pfizer, Moderna, AstraZeneca en Janssen beschermen nog steeds tegen een besmetting, maar doen dat minder goed.

Als het virus langs de antistoffen is gekomen, vormen de T-cellen de tweede verdedigingslinie. Deze cellen laten zich niet foppen door de andere jas van het virus: ze herkennen het, vallen de besmette cellen aan en ruimen die op. Het Erasmus MC concludeerde in mei al dat T-cellen ervoor zorgen dat een afname van antistoffen er niet per se voor zorgt dat mensen niet meer beschermd zijn tegen ernstige ziekte door een virusvariant.

Uit laboratoriumexperimenten is gebleken dat T-cellen nog steeds goed beschermen tegen ernstige ziekte door de omikronvariant. Maar, zo benadrukte Van Dissel zaterdag, de vraag blijft wat er in de praktijk gebeurt. De tijd zal dat uitwijzen.

Ook belangrijk: een boosterprik beschermt niet alleen tegen ziekenhuisopname, maar krikt ook de bescherming tegen besmetting wel degelijk omhoog. De T-cellen die worden aangemaakt sporen het lichaam namelijk ook aan om meer antistoffen te maken - ze halen de 'portiers aan de deur' dus weer even bij de les.

Hoewel de huidige vaccins inderdaad minder besmettingen voorkomen dan bij de alfa- en deltavariant, ligt de bescherming tegen besmetting door omikron na een boosterprik wel weer boven het minimum dat experts van een vaccin verwachten.

Feiten en fabels over het coronavaccin: dit klopt er (niet)
138
Feiten en fabels over het coronavaccin: dit klopt er (niet)