Vanuit verschillende hoeken van de zorg klonk afgelopen weken de noodkreet dat code zwart heel dichtbij was. Die berichten werden vervolgens ook weer ontkracht door bijvoorbeeld demissionair minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid). Het zorgde voor verwarring, want hoe zit het nou precies? Hier lees je waarom van code zwart in de ziekenhuizen nog geen sprake is.

Eerst maar even de definitie: code zwart betekent dat er nergens meer plek in een Nederlands ziekenhuis is voor een patiënt die normaal wel ziekenhuiszorg zou krijgen. Dat kan op de intensive care (ic) zijn, maar ook op de normale verpleegafdeling. Momenteel is de schaarste aan plekken het grootst op de ic.

De bedden op de ic zijn op te delen in drie categorieën: bedden waarop coronapatiënten liggen, bedden waarop niet-coronapatiënten liggen en zogeheten BOSS-bedden. Die BOSS-bedden (Beds Open for Safety and Support) zijn plekken die altijd vrij moeten zijn, zodat patiënten die acute ic-hulp nodig hebben direct een bed kunnen krijgen.

In Nederland moeten 188 van die 'noodbedden' vrij zijn, maar dat aantal halen we al een tijd niet meer. Dinsdag tellen de Nederlandse ic-afdelingen slechts bijna honderd beschikbare BOSS-bedden.

Als we iets meer inzoomen op de bedden voor niet-coronapatiënten, dan zien we dat die bezet worden door mensen die een geplande operatie hebben ondergaan, zoals een orgaantransplantatie of de plaatsing van een nieuwe hartklep. Maar er liggen ook mensen die acuut ic-hulp nodig hebben, zoals slachtoffers van een verkeersongeval of iemand die een hersenbloeding heeft gehad.

Bij code zwart geen vrije 'noodbedden' meer

Als er sprake is van code zwart, dan moet dat eerst worden afgekondigd door minister De Jonge. Dan is het overzicht op de intensive care simpel: er zijn alleen maar patiënten die acuut hulp nodig hebben. Soms mensen met corona - die patiënten hebben direct zuurstof nodig - en soms patiënten zonder corona. Lege BOSS-bedden zijn er dan niet meer en alle geplande operaties zijn uitgesteld.

Het aantal niet-coronapatiënten dat dan acuut ic-zorg nodig heeft, is dan stabiel. Dat zijn er dan altijd ongeveer 350.

Hoe dicht zitten we dan bij code zwart?

Maar hoe dicht zitten we bij code zwart? Volgens ic-arts Diederik Gommers bereiken we dat bij de 651e coronapatiënt op de ic en komt dat moment ergens deze week. Voorzitter Ernst Kuipers van het Landelijk Netwerk Acute Zorg (LNAZ) is genuanceerder. Hij erkent dat het druk is in de ziekenhuizen, maar zegt dat we code zwart "morgen en ook deze week" niet bereiken.

Als we met Gommers meerekenen, zouden we code zwart bereiken bij 651 coronapatiënten op de ic. Daar komen de 350 niet-coronapatiënten die de ic's in Nederland altijd tellen nog bovenop. Dat zijn bij elkaar opgeteld 1.001 patiënten op de intensive care. Alle noodbedden zouden in Gommers' scenario dan al op zijn. Maar 1.001 bedden is nog geen code zwart, want dinsdag telden de ic's 1.119 plekken.

Die capaciteit wordt eerst opgeschroefd naar 1.150 plekken en daarna moet die doorgroeien naar 1.350 bedden. Volgens Kuipers gaan we de 1.150 ic-plekken "zeker weten" halen. Maar binnen de zorg wordt eraan getwijfeld of een capaciteit van 1.350 ic-plekken haalbaar is.

Tot slot nog de actuele ic-cijfers. Dinsdag lagen er 595 coronapatiënten en 427 patiënten zonder corona op de ic: een totaal van 1.022. Een week eerder lagen er 488 coronapatiënten op de ic en een maand geleden waren dat er nog slechts ruim 200.

De snelle stijging veroorzaakt grote drukte op de ic. Personeel van andere afdelingen moet bijspringen, waardoor andere niet-coronazorg niet kan doorgaan. Maar van code zwart is dus (nog) geen sprake.

Aantal coronapatiënten in het ziekenhuis (ic en non-ic)