Er is een veertiende besmetting met de omikronvariant vastgesteld in Nederland, schrijft demissionair minister Hugo de Jonge (Volksgezondheid) maandag in een Kamerbrief. Alle besmettingen zijn vastgesteld bij een groep van meer dan zeshonderd reizigers die vrijdag met twee vliegtuigen terugkeerden uit Zuid-Afrika.

Bij meer dan 60 van de 624 reizigers werd een coronabesmetting geconstateerd. Van het merendeel van de passagiers is nog niet duidelijk welke virusvariant ze bij zich dragen. Volgens De Jonge worden veel testresultaten nog onderzocht door de GGD's en worden later op de dag nieuwe resultaten verwacht.

Het ministerie vermoedt dat de reizigers het virus op verschillende plaatsen hebben opgelopen. "In ieder geval niet gedurende de vlucht", schrijft De Jonge.

Volgens de minister is er nog weinig zekerheid rondom de omikronvariant. Wel zijn er genetische kenmerken gesignaleerd die erop kunnen wijzen dat het virus zich makkelijker verspreidt. Zo lijkt het erop dat de nieuwe variant besmettelijker is dan bijvoorbeeld de deltavariant. Ook is er een indicatie dat herinfecties (oftewel: een tweede keer COVID-19 doormaken) vaker voorkomen. Onomstotelijk bewijs is er echter nog niet.

Het is nog onduidelijk welke impact de omikronvariant op het ziekteverloop en de vaccins heeft. Fabrikanten hebben beloofd hun vaccins aan te passen als dat nodig is. "Nederland heeft het recht om aangepaste vaccins te kopen. Indien nodig kunnen de middelen binnen enkele maanden beschikbaar zijn", aldus De Jonge.

De minister schrijft dat de omikronvariant mogelijk al verder is verspreid dan aanvankelijk werd gedacht.

Nog eens 400 passagiers uit zuidelijk Afrika melden zich

Het ministerie heeft de GGD de opdracht gegeven om alle vliegpassagiers die tussen 22 en 25 november terugkeerden uit zuidelijk Afrika op te bellen. Zij kunnen zich ook zelf melden bij het speciaal opgerichte telefoonnummer 0800-5005.

Afgelopen weekend kwam het ministerie zo nog eens vierhonderd passagiers op het spoor. Zij worden getest en hun testuitslag wordt gecontroleerd op de omikronvariant, aldus De Jonge. "Op die manier houdt het RIVM zicht op de nieuwe variant."