Het Europees centrum voor ziektepreventie en -bestrijding (ECDC) stelt dat de coronasituatie in Nederland aan de beterende hand is. Waar voorheen het hele land nog rood kleurde op de Europese coronakaart, zijn dat nu alleen nog Friesland, Flevoland en Zuid-Holland.

Het ECDC kijkt naar het aantal vastgestelde besmettingen en het percentage positieve tests in de twee voorgaande kalenderweken. De kaart heeft vier kleuren. Van laag naar hoog zijn dat groen, oranje, rood en donkerrood.

In de afgelopen drie weken stonden alle twaalf Nederlandse provincies op de een-na-hoogste waarschuwingskleur. Dat kwam doordat het algehele percentage positieve tests in de afgelopen twee weken boven de 5 procent lag. Het ECDC houdt voor mildere kleurcodes een positief percentage van beneden de 4 procent aan. In de afgelopen twee weken daalde het percentage positieve testen naar 3,8 procent.

Uit de weekcijfers van het RIVM bleek dinsdag al dat de coronacijfers dalen. Het aantal positieve tests was met 16 procent gedaald ten opzichte van één week eerder, terwijl ook de ziekenhuis- en ic-opnames met respectievelijk 23 en 18 procent daalden.

Het aantal positieve tests daalt het snelst in Drenthe, Overijssel en Noord-Holland. Daar zijn ongeveer 20 procent minder nieuwe gevallen vastgesteld dan bij de kaart van vorige week. Noord-Brabant en Zeeland hebben naar verhouding de minste positieve tests; op elke 100.000 inwoners kregen ongeveer 120 mensen te horen dat ze besmet zijn geraakt.

De nieuwe coronakaart van het ECDC.

De nieuwe coronakaart van het ECDC.
De nieuwe coronakaart van het ECDC.

Ook elders in Europa kleuren landen oranje

In de rest van Europa zijn ook enkele veranderingen doorgevoerd. Zo zijn het noordoosten van Spanje en vrijwel heel Frankrijk nu oranje gekleurd, terwijl in die landen voor de meeste regio's kleurcode rood gold. Ook in het noorden van Italië is de coronasituatie verbeterd, stelt het ECDC.

Landen gebruiken de Europese kaart om hun coronabeleid te bepalen. Toen Nederland in juli donkerrood werd, was dat voor landen als Duitsland en Frankrijk aanleiding om strengere regels in te voeren voor Nederlanders die de grens wilden passeren.