Zo'n 70 procent van de Nederlanders heeft minstens één coronaprik gehad. In lage-inkomenslanden, zoals Kenia, is dit amper 2 procent van de bevolking. Zo ziet de verdeling van vaccins er wereldwijd uit.

Waarom het vaccineren in arme landen ook voor rijke landen belangrijk is (en andersom)

  • "Hoe langer vaccinatieongelijkheid duurt, hoe langer de coronapandemie zal duren", aldus WHO-topman Tedros Adhanom Ghebreyesus woensdag tijdens een IOC-congres.
  • Daar legde hij uit dat hoe meer coronabesmettingen er wereldwijd zijn, hoe groter de kans is dat het coronavirus ergens ter wereld een vervelende verandering doormaakt.
  • Hierdoor ontstaan mogelijk varianten die gevaarlijker zijn dan de huidige deltavariant.
  • Vaccineren is een van de manieren om het aantal besmettingen te verkleinen en daarmee ook de kans op vervelende coronavirusvarianten te verkleinen.

Op dit moment zijn rijke landen veel verder met het vaccineren van hun bevolking. In hoge-inkomenslanden heeft inmiddels ruim de helft van de mensen minstens één dosis van een coronavaccin gehad. In lage-inkomenslanden heeft maar 1 op de 74 inwoners een vaccin gehad.

In zeker 56 landen zijn coronavaccins al beschikbaar voor iedereen die er een wil, terwijl er ook minstens 31 landen zijn waar ouderen, mensen met een hoog medisch risico en zorgmedewerkers niet allemaal worden gevaccineerd.

Ook het soort vaccin dat beschikbaar is per land verschilt. De Gezondheidsraad stelde begin juni dat in de fase waarin de corona-uitbraak in Nederland zich nu bevindt, het de voorkeur heeft om zo veel mogelijk alleen zogeheten mRNA-vaccins in te zetten. Dit zijn de vaccins van Moderna en Pfizer.

Een belangrijke reden hiervoor is dat deze vaccins een iets betere bescherming bieden. Ook is een tekort aan bloedplaatjes in combinatie met ernstige trombose geen bijwerking van deze vaccins. Dit is wel een heel zeldzame bijwerking van de AstraZeneca- en Janssen-vaccins. De Gezondheidsraad benadrukte dat de vaccins van Janssen en AstraZeneca nog steeds voldoende veilig en effectief zijn.

Niet alle landen kunnen dezelfde keuze maken. In Europa maken bijna alle landen gebruik van in ieder geval Moderna én Pfizer. In Afrika zijn dit drie landen.

In steeds meer landen begint de vaccinatiecampagne inmiddels wel. Op 6 januari, toen Nederland begon met vaccineren tegen COVID-19, was in zeker 46 landen de eerste prik gezet. Op dit moment is in zeker 85 procent van de landen in de wereld de eerste prik gezet.

Wanneer ieder land precies is begonnen, is niet helemaal duidelijk. Zo heeft China alleen aan de WHO doorgegeven wanneer het is begonnen met het vaccin van Pfizer, maar niet met zijn eigen vaccins. Rusland heeft helemaal geen startdatum doorgegeven.

Via COVAX, het vaccinatieprogramma van onder meer de WHO, zijn er nu minstens 200 miljoen vaccindoses naar lage- en middeninkomenslanden gegaan. De EU heeft tot nu toe minder dan 4 miljoen vaccins gedoneerd. Dit is veel minder dan de EU eerst van plan was.

Voorzitter van de Europese Commissie Ursula von der Leyen benadrukte donderdag dat de EU van plan is voor het eind van het jaar zeker 100 miljoen doses te doneren. Dit gebeurt voornamelijk via het COVAX-programma.

We zijn benieuwd naar je mening over dit artikel. Klik hier om je feedback achter te laten in een korte vragenlijst van een minuut.