Tienduizenden AstraZeneca-vaccins moeten waarschijnlijk worden vernietigd. De doses liggen in koelkasten bij huisartsen en mogen volgens de huidige wetgeving niet verhandeld worden, "ook niet gratis aan goede doelen", bevestigt een woordvoerder van de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) aan NU.nl na berichtgeving van de Volkskrant en Trouw. Het ministerie heeft één optie om de doses alsnog te doneren.

Volgens de media liggen er over het hele land zo'n 100.000 tot 200.000 AstraZeneca-doses verspreid waarvan de houdbaarheidsdatum binnenkort verstrijkt. Die vaccins mogen momenteel niet weggegeven worden, omdat bijvoorbeeld de IGJ de kwaliteit van de doses niet meer kan waarborgen wanneer zij bij een huisarts arriveren.

Een woordvoerder namens 150 huisartsen in de regio Leiden meldt aan Trouw dat hun circa tienduizend vaccindoses "volgens RIVM-richtlijnen" zijn opgeslagen. "Weggooien zou erg pijnlijk zijn", aldus de huisarts.

Over het weggooien beslist echter niet de IGJ, maar de eigenaar van de vaccins: het ministerie van Volksgezondheid. Demissionair minister Hugo de Jonge zou er dus voor kunnen kiezen om de vaccins alsnog aan (armere) landen te geven die vrijwel geen vaccins konden opkopen. "Wij hebben hen alleen geïnformeerd over belangrijke zaken die bij deze beslissing komen kijken", aldus een woordvoerder van de IGJ.

Ministerie stuurt eigen RIVM-kwaliteitsbewaker voor controle

Maandag meldde het ministerie nog dat 745.000 AstraZeneca-vaccindoses aan andere landen worden gegeven. Die vaccins liggen echter nog op voorraad in Oss, waardoor de kwaliteit bewaakt kon blijven en de middelen dus verhandeld kunnen worden.

Een woordvoerder van het ministerie vertelt aan NU.nl dat het nog geen uitgemaakte zaak is dat de overige AstraZeneca-vaccins vernietigd worden. Huisartsen moeten contact opnemen met het RIVM als zij hun doses willen laten controleren. Momenteel zouden huisartsen ruim 39.000 doses willen laten nakijken, zodat deze alsnog weggegeven kunnen worden.

"We weten niet waar die teller stopt", aldus de woordvoerder. Hij benadrukt dat het ministerie niet alleen verantwoordelijk is voor het prikken in bovenarmen, maar ook voor wat er daarna gebeurt. "Je wil er later niet achter komen dat er iets niet goed zat in de koeling. Je wil dat de vaccins de bescherming bieden die je voorafgaand had beloofd."